KERSTVERHAAL

Delayed delivery

lkol b.d. P. Dekkers

December 1943, Biskra, Algerije

In de winter van 1943 steeg een Boeing B-17F Flying Fortress, registratienummer 4406, door de bemanning liefkozend, met een verwijzing naar hun captain Gerald Pitterson uit Tulsa Oklahoma, Jerry’s Pit gedoopt, op van haar thuisbasis Biskra in Algerije. Het toestel maakte deel uit van een formatie B-17 Flying Fortress bommenwerpers van het 414th Bombardment Squadron die een aanval zou gaan uitvoeren op de zeehavens van Tunis en Bizerte, in het nog door de Duitsers bezette deel van Tunesië De geallieerden wilden hiermee bereiken dat het leger van veldaarschalk Erwin Rommel, het beruchte Afrikakorps, hiervandaan de oversteek naar Italië zou kunnen maken.

De beschadigde B-17 tijdens de vlucht

De eerste helft van de vlucht leek aanvankelijk zonder problemen te verlopen, de Duitse Luftwaffe in dit theater was al ernstig gehavend en had niet veel meer in te brengen. Bij het binnenvliegen van nog door de troepen van Rommel bezet gebied werden de bommenwerpers aangevallen door een op de loer liggende Staffel Duitse Messerschmidt Me-109 jagers. De leider van de B-17’s en zijn wingman Pitterson kregen het ’t zwaarst te verduren. Maar, de B-17 werd niet voor niets Flying Fortress genoemd. Vanuit beide vliegtuigen brachten de boordschutters uit alle macht vuur uit op de jagers van de Luftwaffe. De eerste werd vrijwel meteen neergeschoten, maar de andere zette zijn aanval op de tweede B-17 door. Ook deze werd uiteindelijk getroffen door een .50 van een van de boordschutters. De vlieger, Oberleutnant Erich Paczinsky uit Lübeck, wist zich met veel tegenwoordigheid van geest nog te redden door uit zijn vliegtuig te springen en aan zijn parachute te landen.


Met de Flying Fortress van Pitterson verliep het minder fortuinlijk. De stuurloze, rokende Messerschmidt vloog nog even door om uiteindelijk in botsing te komen met het achterste deel van de romp van de B-17, net voor de staartsectie. De bommenwerper raakte hierbij zwaar beschadigd: het hoogteroer aan de linkerzijde van de staart was compleet verdwenen en de romp aan die kant van het vliegtuig was opengesneden als een sardineblikje. Het metaal aan de rechterzijde van de romp was alles wat het vliegtuig bijeenhield en het was een wonder dat het vliegtuig onder deze omstandigheden nog bleef vliegen. De staartschutter, tevens navigator, Second Lieutenant Terence Wycliffe, was, wonder boven wonder, ongedeerd gebleven. Wel was hij compleet geïsoleerd geraakt van de rest van de bemanning en ook nog eens blootgesteld aan de ijskoude binnenstromende buitenlucht. Na het afwerpen van de bommen keerden de B-17’s terug naar hun thuisbasis Biskra, waarbij de onbeschadigde bommenwerpers een cordon om het beschadigde vliegtuig vormden totdat zij buiten het bereik van de Duitse jagers waren. De bemanning van Jerry’s Pit overwoog even om het vliegtuig nog voor de landing met hun parachutes te verlaten, maar omdat zoiets vrijwel zeker de dood van staartschutter Wycliffe zou hebben betekend, besloot Pitterson een poging te wagen het vliegtuig te landen.


Ruim twee uur na de bijna fatale botsing met de Messerschmidt begon hij met de voorbereiding voor de landing. Met een hele wijde bocht, met minimaal gebruik van het voetenstuur, wist hij zijn vliegtuig uiteindelijk op 40 mijl recht voor de landingsbaan te krijgen en begon hij een voorzichtige daling in te zetten. Na een keurige landing op de hoofdwielen liet hij het vliegtuig uitrollen. Toen het tot stilstand was gekomen besloot de B-17 echter dat het genoeg was geweest en brak het toestel in twee stukken. De voltallige bemanning kon echter ongedeerd uitstappen. Bij het verlaten van het vliegtuig door de beschadigde zijkant, tussen alle verwrongen metaal en brokstukken door, viel Wycliffe een in bruin papier gewikkeld pakketje op en nam dit mee naar buiten. Toen hij het later nog eens bekeek was het een postpakketje, gericht aan 'Meine liebste Hannelore Mayer, über meine Mutter Birgitta Paczinsky, Bad Kraxenhofen, Bayern'. Tijdens de dagen daarna probeerde hij via het Rode Kruis te achterhalen wie en waar Birgitta Paczinsky was, om het pakje te kunnen versturen, maar volgens een telegram uit Genève was de bevolking van dat gebied wegens de voortdurende geallieerde bombardementen op de nabijgelegen kogellagerfabrieken geëvacueerd naar veiliger oorden.

De zwaar beschadigde staart van de B-17

11 December 1973, Mobile Alabama Regional Airport

Tot zover deze geschiedenis uit de Tweede Wereldoorlog met een happy ending. Maar dertig jaar later, in 1973 kreeg dit verhaal nog een opmerkelijke wending. De Amerikaanse staat Florida werd aan het einde van het orkaanseizoen van dat jaar getroffen door de tropische storm Jessica en op het vliegveld van Miami waren als gevolg daarvan vrijwel alle activiteiten tot stilstand gekomen. Tientallen departures waren uitgesteld of geannuleerd en honderden mensen brachten de tijd noodgedwongen wachtend door in de vertrekhal of in een van de lounges. Inkomende vluchten werden gedirigeerd naar vliegvelden in de verre omtrek, waaronder ook Mobile Regional Airport in Alabama. De bemanningen hadden zich verzameld in de crew lounge in afwachting van het verbeteren van de weersomstandigheden in Miami. Sommige vliegers legden een kaartje of deden een dutje om wat rust te nemen, anderen doodden de tijd met wat te lezen of een praatje te maken met collega’s.


Zo ook Terry Wycliffe, die na de oorlog als vlieger in dienst was getreden bij PanAm, waar hij was opgeklommen tot captain op een Douglas DC-8. Aan een kopje koffie trof hij een Duitse collega, Flugkapitän bij Lufthansa op de Boeing 707. Ze raakten in gesprek en zijn oog viel op het naamplaatje aan het uniformjasje van zijn collega: E. Paczinsky. Hij informeerde naar de achtergrond van zijn collega en inderdaad, hij had tijdens de oorlog als jachtvlieger gediend bij de Luftwaffe in Afrika. Op zijn laatste combat mission was hij door een Amerikaanse bommenwerper neergeschoten en na de landing aan zijn parachute, afgedreven naar geallieerd gebied, was hij gevangengenomen door een patrouille van het Amerikaanse leger. Na ondervraging door de inlichtingendiensten was hij met een Amerikaans troepentransportschip naar de VS overgebracht, om geïnterneerd in een krijgsgevangenenkamp in Kentucky het einde van de oorlog af te wachten. Hij vertelde goed behandeld te zijn en hij was zelfs in staat gesteld om te studeren voor zijn Amerikaanse Commercial Pilots License. In 1947 was hij teruggekeerd naar Duitsland, naar zijn geboorteplaats Bad Kraxenhofen in Beieren. Later was hij in dienst getreden van de naoorlogse Deutsche Lufthansa en had hij het gebracht tot captain op de Boeing 707, de trots van de naoorlogse Duitse civiele luchtvloot.


Wycliffe was met stomheid geslagen. Zou dit dezelfde Paczinsky zijn? ‘Forgive me for asking, but are you by any chance related to a family in Bavaria, Bad Kraxenhofen?’ En inderdaad, dit moest dezelfde Paczinsky zijn. ‘I think we’ve met before, I mean, our aircraft have met’, stamelde Wycliffe, en hij vertelde het verhaal van de botsing van zijn Flying Fortress met een onbemande Messerschmidt. ‘I think I still have something for you’, vervolgde hij zijn relaas. Nu was het de beurt aan Flugkapitän Paczinsky: ‘Das war der Heiratsantrag für meine Verlobte, Hannelore’. En hij vertelde het verhaal hoe hij na zijn vrijlating uit krijgsgevangenschap naar de Heimat was teruggekeerd en daar zijn familie en zijn verloofde had teruggevonden. Het stel was getrouwd en had inmiddels twee dochters. De twee vliegers wisselden hun adressen en telefoonnummers uit en spraken af dat, zodra Wycliffe op een trans-Atlantische vlucht zou zijn ingedeeld, hij zou afreizen naar Bad Kraxenhofen, met het bewuste pakje.


24 December 1973, Bad Kraxenhofen, Beieren

Een donkerblauwe Volkswagen 1500 ploegde zich bij het vallen van de avond door de vers gevallen sneeuw langzaam maar zeker over de Bundesstrasse 34, naar het ten noorden van München gelegen Bad Kraxenhofen. Aan het stuur van de bij Hertz op het vliegveld München-Riem gehuurde VW zat Terence Wycliffe, met als enige bagage voorin een in bruin, verweerd papier verpakt pakketje. Hij had onderweg al eens in een van de gele telefooncellen van de Deutsche Bundespost gebeld naar Paczinsky, om aan te geven dat hij door het slechte weer mogelijk een paar uur later zou aankomen. Erich had hem gevraagd in dat geval naar de Sankt Nikolaus Dorfkirche te komen, waar zijn Hannelore tijdens de nachtmis het orgel zou bespelen.


Maar nu was het dan zover en bij het inrijden van het dorp was de kerktoren al zichtbaar. Hij parkeerde de Volkswagen, nam het pakje in de hand en liep voorzichtig door de vers gevallen sneeuw naar de kerk. Bij de ingang was het koor al hoorbaar dat als een zoetgevooisd engelenkoor net een lied inzette: ‘Stille Nacht, Heilige Nacht’. In de verte klonk een gedempt ho, ho, ho en tussen een door een flauwe maan beschenen opening in het wolkendek heen, leek het even of een door rendieren getrokken slee zichtbaar was.