OPINIE - BINNENLAND

Het Grote Defensiedebat van Elsevier Weekblad
... en zijn nasleep

Dr. Jaap Anten
Analist van de werkgroep Defensiebeleid en Krijgsmacht

Inleiding

Uit de verslagen in de pers zou men de indruk kunnen krijgen dat het Grote Defensiedebat van 12 oktober 2019 zich toespitste op de Nederlandse verbijstering, zo niet wrevel, over de verrassende inval van Turkije in Syrië drie dagen daarvoor. Verrassend en verbijsterend, omdat president Trump Turkije hiervoor niet alleen het groene licht gaf, maar ook Amerikaanse troepen in Syrië opdracht gaf zich terug te trekken. Deze troepen, en zij niet alleen, zagen dit als verraad ten opzichte van de Koerdische bondgenoten die jarenlang, soms letterlijk zij aan zij, tegen IS hadden gevochten. Dit gevoelen leeft ook bij vele Republikeinse politici. Trump handelde op eigen houtje zonder hen of zijn NAVO-bondgenoten hierin te betrekken.


De onverwachte verbijstering van minister Bijleveld

De verbijstering hierover kwam duidelijk tot uiting bij de twee belangrijkste Nederlandse sprekers, minister van Defensie drs. Ank Bijleveld en voormalig Secretaris-generaal (SG) van de NAVO, prof. mr. Jaap de Hoop Scheffer. De minister zei ronduit dat de Amerikaanse besluitvorming en informatievoorziening de bondgenoten in de steek liet. Onder het motto 'de aanval is de beste verdediging', beschermde de derde belangrijke spreker, de Amerikaanse ambassadeur Pete Hoekstra, zijn president met als strekking dat Trump niets anders deed dan wat de Europese landen, en Nederland in het bijzonder, al eerder hadden gedaan: terugtrekken uit Syrië. De moraal van zijn verhaal: als jullie zelf niet waren weggegaan, was dit niet gebeurd. Jaap de Hoop Scheffer reageerde hier wat later op door te zeggen dat het anders lag, erop doelend dat Nederland niet in Syrië aanwezig was geweest en dat land slechts vanuit Irak op beperkte schaal had gebombardeerd. Ook zag hij geen causaal verband tussen hetgeen Nederland minder doet in Syrië en de terugtrekking van de Amerikaanse troepen op last van Trump.

Nasleep in de gedrukte pers

In weerwil dus van wat De Hoop Scheffer had gezegd ontlokte de NRC onder het journalistieke motto 'in een vlek moet je wrijven', na afloop van het debat, over het feit dat Nederland niet was ingelicht over het terugtrekken van de Amerikanen uit Syrië aan Hoekstra de uitspraak: ‘…omdat Nederland er zelf voor koos uit Syrië te vertrekken', en ‘…daardoor was Nederland ook geen onderdeel meer van de Syrië-werkgroep, waarin de tactische beslissingen over Syrië worden besproken met degenen die daar wel actief zijn’. Het krantenartikel maakt duidelijk dat ook minister Bijleveld Hoekstra weerspreekt: ‘De anti-IS-coalitie, waar Nederland ook nu nog deel van uitmaakt, is de club waarin de buitenlandse landen die actief zijn in die regio met elkaar overleggen. Wij zijn zelfs lid van de kleine kerngroep’, aldus Bijleveld. Daarbij: ‘De anti-IS coalitie opereert met een mandaat vanuit Irak. Juist omdat IS grensoverschrijdend opereert’, aldus Bijleveld. ‘Alle beslissingen over de regio worden daar genomen. Maar de Amerikanen hebben niemand over hun plannen ingelicht, zelfs de Amerikaanse minister van Defensie wist van niets’ [1].


In een later interview hield Hoekstra voet bij stuk: ‘Als we het over vrienden gaan hebben, kunnen we in een echt moeras terechtkomen. Toen president Trump tien maanden geleden ons vertrek uit Syrië aankondigde, waren een paar van jullie ministers erg uitgesproken over hoe gevaarlijk dat was. We luisterden en bleven tien maanden langer, want dat doen vrienden. Gedurende die tijd hebben we om hulp gevraagd, maar die kwam niet. Bovendien zeiden onze vrienden: “Wij trekken ons wel terug”. Daar keken we nogal van op. Vrienden doen dat niet. Vrienden sturen hun vrienden er niet op uit om iets te doen wat ze zelf niet willen doen’ [2].


Hoekstra sprak ook verzoenende woorden, met name over Nederland, dat de Amerikanen zouden terugkomen als IS te machtig zou worden, maar weer niet als een permanente buffermacht in het Midden-Oosten. En eerder, tijdens het Grote Defensiedebat merkte hij op, ook wat verzoenend als mijn gehoor mij niet bedriegt, blij te zijn als Nederland die 1,3 procent ook werkelijk zal halen. Maar een ironisch oor kan hier ook iets méér in beluisteren, wat hij nu even niet benadrukte.

Ambassadeur Hoekstra en de rol van zijn land

Het zal uit zijn harde reacties duidelijk zijn, ambassadeur Hoekstra is bepaald geen beroepsdiplomaat, al is hij benaderbaar en heeft hij zich ingezet voor goede betrekkingen tussen Nederland en de Verenigde Staten (VS). Hij is politicus, en een keiharde Republikein met een stevige affiniteit voor Trump en de Teaparty en schuwt blijkbaar niet om zaken moedwillig aan te dikken[3]. Maar hij wordt geacht te weten waarover hij praat; hij was Chairman of the House Permanent Select Committee on Intelligence, bepaald geen geringe functie. Hetzelfde comité dat nu, inmiddels onder Democratische leiding, een cruciale rol speelt in de verhoren bij de afzettingsprocedure tegen Trump.


Ondiplomatiek, maar krachtig, maakt Hoekstra het Amerikaanse strategisch denken pijnlijk duidelijk. Europa moet veel meer gaan doen om zijn eigen aanliggende gebieden te ordenen. Het grote verschil met een Amerikaanse regering ná die van Trump, Republikeins of Democratisch, zal vooral erop neerkomen dat die veel fatsoenlijker met zijn bondgenoten zal omgaan, denk ik. Dit zal erop neer komen - zie ook het artikel Hoe om te gaan met China (deel 2) - dat de Amerikanen de Europeanen meer bij hun beslissingen zullen betrekken en ons een tijdpad zullen gunnen om veel meer aan defensie te doen. Als dat niet gebeurt, zullen opvolgende Amerikaanse regeringen waarschijnlijk niet als Trump en de zijnen met de vuisten op tafel blijven slaan. Zij zullen gewoon doorgaan met hun terugtrekking, en veel minder militaire steun verlenen bij een grote crisis in of rond Europa.

Het eigenlijke Grote Defensiedebat

Dit onverwachte voorafje met de lange nasmaak over Trumps Alleingang, had zijn invloed op het Grote Defensiedebat in de grote en volle Theaterzaal van het Louwman Museum in Den Haag.

Blijkens de voordrachten hadden de drie hoofdsprekers zich het gebeuren milder voorgesteld. In lijn met de lezing van Rutte op 3 oktober 2019 (zie Carré nr. 7 van dit jaar), werden namelijk meer de oplossingen voor problemen op regeringsniveau tussen de VS en hun NAVO-bondgenoten benadrukt dan die problemen zelf. Ik vraag me af of het publiek - maar gedeeltelijk hetzelfde als op bijeenkomsten van Clingendael of de Atlantische Commissie - daardoor een helder beeld heeft van die problemen, die eerder door Jaap de Hoop Scheffer zeer expliciet zijn benoemd. (Zie hiervoor het artikel De toekomst van de NAVO in Carré nr. 6.)

Minister Bijleveld

Minister Bijleveld sprak als eerste. Na benadrukt te hebben dat de krijgsmacht bovenaan de maatschappelijke escalatieladder staat, noemde zij naast sommige nationale en internationale taken ervan ook enkele overbekende geostrategische ontwikkelingen. Waarbij zij verwees naar de genoemde lezing van premier Rutte; ‘Maar, zoals onze minister-president recent zei bij de Atlantische Commissie: De wereld van gisteren bestaat niet meer’, en net als hij benadrukte zij dat Nederland zichzelf niet kan verdedigen en moet leunen op onze bondgenoten. We moeten het samen doen en: 'Die solidariteit is cruciaal. En die hebben we te veel voor lief genomen. Er zijn vanzelfsprekendheden ingeslopen. Het is heel terecht dat de Verenigde Staten een aantal van die vanzelfsprekendheden ter discussie stelt, zeg ik hier tegen ambassadeur Hoekstra. Als wij ons zelf niet houden aan de afspraken, kunnen wij niet verwachten dat onze bondgenoten dat wel doen' [4].


Zoals we zo-even al hebben kunnen lezen, weet Hoekstra wel raad met uitspraken 'als wij ons zelf niet houden aan onze afspraken'. ‘Er is te lang en te veel op de krijgsmacht bezuinigd’, verklaarde Bijleveld, en ‘Defensie is geen gewone overheidsorganisatie'. En, aansluitend op haar rede, ‘er moet zes miljard structureel bij om toegesneden te zijn op onze taken’.


Dingen, die sommige aanwezigen als muziek in de oren moet hebben geklonken, maar waarin ik slechts de stilte van open deuren kan horen. Nergens werd duidelijk hoe Nederland gaat voldoen aan de toezegging uit 2014 om twee procent bbp aan defensie uit te geven of zelfs maar aan de jarenlange stagnatie op ongeveer 1,35% tussen nu en 2024. De 'oplossing' voor deze tekortkoming bestaat slechts uit de oproep - of is het een smeekbede? - aan de Amerikanen om solidair te zijn. Deze oproep doubleert tevens als 'oplossing' voor de verstoorde politieke verhouding met het Witte Huis. Wel bemoedigend was dat ze zich inzet voor de vervanging van de onderzeeboten - de B-brief komt binnenkort eindelijk af - en dat het personeelssysteem, dat, als ik haar goed begrijp uit 1917 stamt, op de schop moet. Maar ook hier is het onduidelijk hoe de einddoelen zullen worden verwezenlijkt. Al lijkt ze iets te willen doen aan de klacht van ICT-bedrijven, dat als Defensie je niet kent, je niet door de eerste selectie komt.

Minister van Defensie Ank Bijleveld (foto: Wikimedia Commons)

Ambassadeur Pete Hoekstra (foto: Wikimedia Commons)

Ambassadeur Pete Hoekstra's kapotte krukje

Pete Hoekstra's toespraak begon inhoudelijk diepgaander dan Bijleveld, namelijk met de Conferentie in het Amerikaanse Bretton Woods tijdens de Tweede Wereldoorlog, in juli 1944. Dankzij deze conferentie legden de VS en zijn geallieerden de basis voor de gemeenschappelijke naoorlogse economische wereldorde. En deze orde maakt volgens Hoekstra dat deze landen sinds 75 jaar fundamentele inzichten delen om hun alliantie veilig te houden. Hoekstra omschreef die orde als een vooruitzicht op vrede en voorspoed, rustend op drie pijlers. Ten eerste de 'aard' van Bretton Woods: gemeenschappelijke waarden, vrijheid, democratie, mensenrechten en markteconomie. Ten tweede, sterke en vitale economieën. Ten derde, de verdediging van deze waarden door een gemeenschappelijke militaire macht en afschrikking. Dat leidde tot de oprichting van de NAVO. Dat de VS zijn markten voor Europa opende hielp de wederopbouw na de oorlog. (Dat de Europese landen gedurende de jaren vijftig kampten met een enorm gebrek aan dollar duidt erop dat er maar weinig werd verkocht in Amerika.)


Vandaag de dag is die orde enigszins beschadigd, stelde Hoekstra. Hij symboliseerde dit enigszins cabaretesk - zijn optreden verschilde van dat van de Nederlandse sprekers doordat hij uit zijn hoofd sprak en over het podium liep - met een krukje, waarvan de drie poten de huidige pijlers verbeeldden. Slechts één poot had de juiste lengte. Dat was de inzet van de VS voor zijn bondgenoten en ook de waarden waren intact. Een andere, duidelijk te korte, poot verbeeldde dat Amerikaanse bedrijven te weinig toegang hebben tot de Europese markt. Het gelijke speelveld moet worden hersteld. Dit maakt duidelijk dat Hoekstra, net als Trump voor wie hij campagne voerde, het Europese handelsoverschot met de VS niet wenst te interpreteren als dat te veel Amerikaanse producten niet concurrerend zijn, maar dat Europa meer toegang heeft tot de Amerikaanse markt dan omgekeerd. De derde, ook te korte, poot is dat de NAVO-leden hebben toegezegd om in 2024 twee procent aan defensie uit te geven: 'Wij denken dat dit niet onredelijk is’.


Pas als alle poten een gelijke lengte hebben, wat hij illustreerde met een intact krukje, is het stabiele evenwicht hersteld. Hij waarschuwde dat we daarna, over 20 of 25 jaar niet in dezelfde situatie zouden moeten komen, doordat de wereld verandert en er nieuwe dreigingen komen. Die dreigingen zijn, in mijn woorden, niet veel meer dan de usual suspects. Bovenaan plaatste Hoekstra China, dat roofdierachtig handelt, intellectueel eigendom niet eerbiedigt en zijn thuismarkt niet openstelt. China moet de Amerikaanse en Europese handelsregels gaan respecteren. Met op de tweede plaats Rusland, waarvan hij zich afvroeg of de NAVO met een cyberdreiging van daar kan omgaan. Tegen Rusland, stelde hij, is een sterke afschrikking en een sterke economie vereist.

Hoekstra over internationaal optreden

Maar opmerkelijk genoeg was Hoekstra, naar aanleiding van een vraag, over militair optreden iets bedachtzamer. Als we beter naar de bevolking in andere landen hadden geluisterd, hadden we ons anders opgesteld. Dat geldt ook voor Rusland, al blijft de Russische dreiging uiteindelijk bepalend. Deze reflectie over het ingrijpen van het Westen in de wereld is bemoedigend, maar past natuurlijk ook bij Trumps verkiezingsbelofte van terugtrekken uit allerlei Amerikaanse militaire acties. Ook merkte hij op dat het verdedigen van de vrijheid van navigatie in de Zuid-Chinese Zee voortvloeit uit Bretton Woods en een verantwoordelijkheid van de NAVO zou kunnen zijn. Dit kan zo worden geïnterpreteerd, dat de Amerikanen hun NAVO-bondgenoten steeds meer willen betrekken bij hun wedloop tegen China[5]. Verder verklaarde Hoekstra dat de VS tegen Permanent Structured Cooperation (PESCO) zijn, omdat die de Amerikaanse industrie geen gelijke kansen biedt. Uiteraard er niet bij vermeldend dat de Amerikaanse defensiemarkt ondoordringbaar is voor Europese bedrijven, tenzij door politieke ruilhandel.

Prof. mr. Jaap de Hoop Scheffer

Hoewel de voormalig SG van de NAVO, mr. Jaap de Hoop Scheffer, op een gegeven moment aangaf dat hij zich nu vrijer voelde om zijn mening te geven, benoemde hij de problemen binnen de NAVO beknopter dan op 23 mei jongstleden tijdens de bijeenkomst van Clingendael met als onderwerp ‘De toekomst van de NAVO’. Deze problemen zijn al uitvoerig behandeld in het gelijknamige artikel in Carré nr. 6. Daarom wordt De Hoop Scheffer hier korter aangehaald.


Hij legde nu meer de nadruk op de dialoog. Nederland en de VS moeten beter voorspelbaar tegenover elkaar zijn. Europa en de VS moeten meer met elkaar optrekken. Enerzijds kan een supermacht als de VS zich niet terugtrekken uit de wereld, anderzijds kan Europa niet zoals in de jaren negentig op de Balkan en in 2011 in Libië maar blijven vragen om Amerikaanse steun. De Hoop Scheffers hoop op dialoog als oplossing, we moeten maar zien wat ervan terechtkomt. Wel liet hij, nu iets meer op Europese dan op Amerikaans oren gericht, doorschemeren waar Europese daadkracht vereist is. Europa moet niet in de notenkraker terechtkomen van de Amerikaans-Chinese rivaliteit. Door deze rivaliteit zal ook de relatie tussen Europa en de VS niet dezelfde blijven. Europa moet op defensiegebied meer zijn eigen broek ophouden. Frankrijk krijgt in de Europese defensie een belangrijkere rol.


Hij ziet PESCO als iets van te veel landen en te veel bureaucratie en bepleit, net als het defensie-initiatief van 23 mei van de Franse president Macron, dat gelijkgestemde landen wil laten samenwerken, om een krachtige regionale defensiemacht te vormen. Wat betreft de defensie-industrie ligt er een kans Europese landen te laten samenwerken. De Europese defensie-industrie moet worden vergroot. Het verhinderen van de fusie tussen Alstom en Siemens is bekeken vanuit het gelijke globale speelveld, verkeerd. En wat betreft ons land moeten er onderzeeboten komen die hier kunnen worden gebouwd.

Voormalig S-G van de NAVO, Jaap de Hoop Scheffer (foto: NAVO)

Debat tussen de kamerleden Belhaj, Bosman en Baudet

Het Grote Defensiedebat eindigde met voordrachten en discussies van de Tweede Kamerleden Salima Belhaj (D66), André Bosman (VVD) en Thierry Baudet (FvD), waarin de bouw van onderzeeboten opnieuw ter sprake kwam. Baudet en Bosman waren voorstander hiervan, zij het met de niet per se verenigbare restrictie 'de beste boot voor de beste prijs', maar Belhaj waarschuwde dat zo'n keuze tot reacties kon leiden. Waarschijnlijk refereerde zij aan de vrees dat de politieke- en defensiesamenwerking met Frankrijk te lijden zou kunnen hebben onder een eventuele afwijzing van het Franse aanbod. Wel moet men volgens haar financieel voorzichtig zijn.


Enkele andere opmerkelijke zaken, vooral bij Baudet. Hij meldde dat onder defensiepersoneel zijn partij veel aanhang heeft. Wellicht om dit te onderstrepen leidden zijn verbale interventies tot enige - te persoonlijk aandoende - wrijving met Balhaj die met haar reacties ook haar aanhang in de zaal niet teleurstelde. Baudet was voor een krijgsmacht met beter materieel en meer personeel. Hij kapittelde de 1,3 procent bbp in 2024 en benadrukte dat we onze defensie en grandeur beter moeten waarborgen. Over een slagvaardig industriebeleid deed hij de interessante suggestie dat er meer startups moesten komen volgens Israëlische aanpak.


De schuld van de crisis in Oekraïne legde Baudet speciaal bij de Amerikanen. Zij waren erop uit dit land aan Rusland te ontfutselen en binnen hun invloedssfeer te brengen. Lees hierover het boek The Grand Chessboard van Zbigniev Brzezinski. Hier kwam geen weerwoord op, vermoedelijk omdat men dat niet heeft gelezen. Toevallig heb ik dat recent wel (op aanraden van een lid van D&K) en ik kan u verzekeren dat het iets anders ligt. Dit overoptimistische, uit de jaren negentig stammende boek van president Carters roemruchte nationale veiligheidsadviseur beveelt inderdaad aan om de Oekraïne binnen het Westen te trekken. Maar... als springplank om vooral Rusland aan het Westen te koppelen voor optimale samenwerking en voorspoed.


Belhaj bepleitte verstandig dat het Nederlandse defensiebeleid moet afhangen van Europese defensie-strategie. Daarbij kwam het debat op haar nota daarover, die kort daarvoor, op 22 september, in het parlement was behandeld. VVD en CDA zagen vooral problemen, en zetten hun kaarten op het standpunt dat samenwerken binnen de NAVO afdoende blijft. Belhaj zag in dat om zo'n krijgsmacht effectief te laten handelen nationale soevereiniteit moet worden opgegeven[6]. Maar andere partijen sneden toen de mogelijkheid voor meer internationale defensie-afspraken nogal af door te stellen dat het parlement altijd het laatste woord moet hebben. Baudet en Bosman herhaalden dat laatste.

Conclusie

Door de actualiteit van de voorgaande dagen kwamen de breuk tussen het Witte Huis en de NAVO onbedoeld zeer heftig aan bod in het Grote Defensiedebat. Het debat probeerde meer de nadruk te leggen op het gemeenschappelijke tussen Europa en de VS om deze breuk te lijmen.


De voordracht van ambassadeur Pete Hoekstra maakte echter duidelijk dat in de toekomst de Amerikaanse visie en ideologie bepalend is voor samenwerking met Europa. Ondanks alle nadruk op gemeenschappelijkheid is het speciaal aan de Europeanen om de 'gebroken poten' in de relatie te herstellen. In feite door de Amerikaanse (sociaal-)economische ideologie te omarmen, verder door het heftige Amerikaanse vijandbeeld van China over te nemen om daar gezamenlijk tegen op te trekken en tenslotte door een evenwichtiger verdeling van de lasten binnen de NAVO. De eerste twee zijn bijna ondenkbaar, en het laatste helaas niet haalbaar. De oproep aan de VS door onze minister van Defensie, premier en oud-SG van de NAVO om meer samen op te trekken lijkt daarom weinig vruchtbaar. Zeker niet als panacee tegen het structurele, verregaand niet nakomen door Nederland van de binnen de NAVO gemaakte defensie-afspraken.


En zolang nationale parlementen als het onze 'het laatste woord' willen hebben, is het aangaan van betrouwbare serieuze Europese defensie-plichten zeer moeilijk.

Noten

1. Bijleveld: ‘De Amerikanen hebben niemand over hun plannen in Syrië ingelicht’. NRC- handelsblad 12 oktober 2019. https://www.nrc.nl/nieuws/2019/10/12/bijleveld-kapittelt-vs-over-nederlandse-rol-in-syrie-a3976556

2. Pete Hoekstra: ‘Het ophalen van Syriëgangers is de enige realistische optie’. NRC-21 oktober 2019. https://www.nrc.nl/nieuws/2019/10/21/het-ophalen-van-syriegangers-is-de-enige-realistische-optie-a3977564

3. Pete Hoekstra in Wikipedia https://nl.wikipedia.org/wiki/Pete_Hoekstra

4. Bijleveld: 'Er is veel te lang, te hard bezuinigd op defensie' Dit is haar rede, maar bevat niet wat ze daarop aansluitend zei, Elsevier Weekblad oktober 2019 https://www.elsevierweekblad.nl/nederland/blog/2019/10/714535-714535/

5. Zie hierover mijn artikelen in dit en het vorige nummer van Carré.

6. Frans Ebbelaar, 'Samenvatting nota-overleg INITIATIEFNOTA EUROPESE KRIJGSMACHT van Kamerlid Belhaj, 23 september 2019' [ongepubliceerd].