Afbeeldingen: Free images

CARREACTIE

Zeperd van vijftig miljoen en doekje voor het bloeden

KOL B.D. IR. P.H.H. SCHARP

Afbeelding: Rawpixel

Hieronder de e-mailwisseling over dit onderwerp, die met toestemming van dhr. Scharp werd gepubliceerd.

Van: P.H.H. Scharp Aan: redactie.carre@outlook.com Onderwerp: prikken en prikkels Beste vrienden,

De “Zeperd van 50M Euro en het doekje voor het bloeden” heb ik met interesse gelezen. Tot juni 1993 heb ik gewerkt bij ITD, DKMG en DMKL. Nu vraag ik mij toch af of jullie de vinger op de juiste wond hebben gelegd.

Na 1993 is er bij Defensie verschrikkelijk bezuinigd en hebben er enorme personeelsreducties plaatsgevonden. De diverse materieeldirecteuren hebben daaraan meegewerkt, vermoedelijk ook met een “can do” mentaliteit. Van een afstand bekeken met alleen de informatie van Carré, Landmacht en Materieel gezien, heb ik duidelijk het idee gekregen dat de DMO momenteel kwalitatief en kwantatief te weinig personeel heeft. De breedte van het materieelpalet zal sinds 1993 niet of nauwelijks zijn afgenomen. Of de procedures zijn vereenvoudigd weet ik niet. Ik kan mij echter goed voorstellen dat de organisatie niet de capaciteit heeft om alle aanbestedingen voldoende tot goed voor te bereiden. Uit mijn tijd kan ik mij niet herinneren dat de top van Defensie zich bemoeide met de documenten rond een de aanbesteding, wel met de keuze van de potentiële leveranciers, de kosten, compensatie, internationale samenwerking e.d. Beoordeling van TVAn (PvEn) ging misschien tot het niveau van afdelingshoofd en een heel enkele keer Sous-Chef. De uitnodigingen tot het maken van offerte en de ontwerp bestelorders kwamen bij grotere opdrachten inhoudelijk wel bij Sous-Chef Aanschaffingen.

Wat ik wil aangeven is dat het managen van de aanbestedingen door de Defensietop zich veelal beperkte tot politiek interessante aspecten. Afgezien van de (beperkte) verantwoordelijkheid van diverse materieeldirecteuren voor het personeelstekort, zie ik die verantwoordelijkheid toch echt liggen bij de politieke leiding en het parlement. Een opmerking in die richting mis ik in Uw artikel.

Met vriendelijke groet, ir P.H.H. Scharp kol vd TS bd

Van: redactie.carre@outlook.com Aan: P.H.H. Scharp Onderwerp: RE: prikken en prikkels Geachte heer Scharp,

Graag wil ik namens de redactie van Carré reageren op uw e-mail van 7 oktober jl. Allereerst wil ik u hartelijk danken voor uw reactie op het artikel ‘Zeperd van vijftig miljoen en doekje voor het bloeden’ dat onder de rubriek ‘Prikken en prikkels’ verscheen in Carré nr. 5-2020.

Dat wij de top van Defensie ‘aanrekenen’ de aanbesteding niet goed te hebben gemanaged, heeft inderdaad te maken met de keuze van de potentiële leverancier. Daardoor ontstond de dreiging van een kort geding met alle gevolgen van dien. Ik begrijp uit uw bericht dat die bemoeienis van de top van Defensie ook in uw actieve diensttijd gebruikelijk was. Maar u hebt volkomen gelijk wanneer u stelt dat de top van Defensie verantwoordelijk is voor alle reducties op personeelsgebied waardoor onderdelen, zoals de DMO, aan kwaliteit hebben ingeboet. In dit artikel hebben wij m.b.t. die verantwoordelijkheid inderdaad geen opmerking gemaakt in de richting van de politieke leiding van Defensie omdat wij ons wilden focussen op de ontstane vertraging, de financiële schade en de onlangs doorgevoerde reorganisatie van de Bestuursstaf, waardoor het allemaal beter onder controle zou moeten zijn.

Wel hebben wij meerdere keren in andere artikelen in Carré gewezen op de tekorten en problemen die zijn ontstaan door alle reorganisaties gedurende vele jaren. Ook in het artikel ‘Vertrouwen’ (Vierkant beschouwd) in Carré nr. 5 hebben we nog een verwijzing opgenomen naar de negatieve gevolgen van reorganisaties.

Ik hoop dat ik u met deze reactie voldoende heb geïnformeerd. Ten slotte is mijn vraag of u uw reactie als een ‘carreactie’ in een volgende Carré geplaatst wilt zien. Die zou dan worden gevolgd door een reactie vanuit de redactie, zoals in dit bericht aangegeven. Ik wacht uw reactie graag af.

Met vriendelijke groet, Kol b.d. A. Kruize Redactie Carré