door: René Bliek

Wat is nu belangrijk?

In het vorige PRODEF-bulletin gaf ik aan dat het Informeel Overleg Reorganisaties nog steeds doorgaat. Dat is nog steeds zo. Wel worden alle plannen uit de IOREO ter behandeling aan de Werkgroep Reorganisaties (WGREO) aangeboden. Daar zullen de Centrales na interne afweging beslissen of het Voorlopig Reorganisatie Plan (VRP) een Definitief Reorganisatie Plan (DRP) mag worden. Die interne afweging kan zijn dat het arbeidsvoorwaarden belang zwaarder weegt dan het voorliggend plan. Ook kan het advies van de medezeggenschap met daarbij de repliek van het Hoofd Dienst Eenheid (HDE) leiden tot aanpassingen van het VRP.

In het laatste Informeel Overleg Reorganisaties Koninklijke Marechaussee (IOREO KMar) van 23 april jl. werden o.a. twee reorganisatieplannen besproken in het kader van het Breed Offensief Tegen georganiseerde Ondermijnende Criminaliteit (BOTOC). Maar waar gaat dat nu eigenlijk over?

Ons kabinet wil de georganiseerde ondermijnende criminaliteit verder terugdringen. Hoewel de aanpak van ondermijning reeds een prioriteit van het Kabinet was, vormde de moord op advocaat Derk Wiersum op 18 september 2019 de directe aanleiding voor het BOTOC. Het kabinet wil extra middelen ter beschikking stellen om de georganiseerde ondermijnende criminaliteit verder terug te dringen. Op 18 oktober 2019 heeft het ministerie van Justitie en Veiligheid (JenV) de Tweede Kamer geïnformeerd over de contouren van dit offensief. In het BOTOC worden de contouren geschetst om de georganiseerde ondermijnende criminaliteit verder terug te dringen. In zijn brief aan de Tweede kamer geeft het ministerie van JenV aan dat:

Criminele netwerken organiseren zich internationaal, nestelen zich in wijken en buurten en ondermijnen onze legale economie met hun criminele geld. Onze rechtsstaat staat onder druk: excessief geweld bedreigt de dragers van onze democratische instituties (lokale bestuurders, zittende en staande magistratuur, journalisten, agenten, advocaten). Met de recente moord op de advocaat Derk Wiersum is wederom een grens overschreden’.

Het BOTOC kent een drietal hoofdthema’s, te weten:

  • Bewaken en beveiligen;
  • Multidisciplinair Interventie Team (MIT);
  • Preventieve aanpak en lokale en regionale aanpak.

Hoofdthema Bewaken en beveiligen (B&B)

De structurele versterking en flexibilisering van de stelsels Bewaken en Beveiligen en Getuigenbescherming is uitgewerkt langs drie sporen: versterking van de uitvoering, versterking van de stelsels en versterking van de weerbaarheid. Waar het gaat om de uitvoering wordt ingezet op versterking van de informatieorganisatie, de capaciteit voor de uitvoering van beveiligingsmaatregelen bij politie en KMar en het creëren van meer mogelijkheden voor beveiligingsconcepten. Daarnaast wordt ingezet op het inrichten van een multidisciplinair platform voor kennisdeling, innovatie en kwaliteitsverbetering ten einde te komen tot lerende en toekomstbestendige stelsels. Tenslotte wordt ingezet op het breder delen van ‘best practices’ met betreffende beroepsgroepen om een stevig beveiligingsbeleid te realiseren vanuit en in samenwerking met betrokken werkgevers. Binnen het vastgestelde financiële kader wordt dit hoofdthema onder voorzitterschap van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) uitgewerkt door de Stuurgroep Bewaken en Beveiligen. Namens Defensie participeert Directeur Operaties KMar in deze stuurgroep.

Hoofdthema Multidisciplinair Interventie Team (MIT)

Het MIT heeft als doelstelling: ‘het duurzaam verstoren van ondermijnende criminele bedrijfsprocessen - ook in het buitenland - door het structureel opsporen en ontmantelen van criminele netwerken, het oppakken van kopstukken, het in beslag nemen van crimineel vermogen voor de verschillende afpakdoeleinden, het opwerpen van barrières voor crimineel handelen en voor het verkrijgen van crimineel geld’. Het MIT is een samenwerkingsverband van politie, Openbaar Ministerie (OM), Fiscale Inlichtingen en OpsporingsDienst (FIOD), Douane, Belastingdienst, Koninklijke Marechaussee (KMar) en Defensie dat wordt ingebed bij de politie. De beoogde omvang van het MIT groeit tot ongeveer 400 vte’n1 in 2023. Het MIT wordt gefaseerd gebouwd. Binnen het vastgestelde financiële kader wordt onder voorzitterschap van de Directeur-generaal Ondermijning Ministerie JenV het MIT uitgewerkt door de Stuurgroep MIT en het Programmateam MIT. Namens Defensie participeert Directeur Operaties KMar in de stuurgroep MIT. Naast oprichting van het MIT vormen de oprichting van een Strategisch Kenniscentrum (SKC) te Vlissingen en de oprichting van Landelijke Fenomeen Tafels (LFT) onderdeel van dit hoofdthema. Binnen de hiervoor vastgestelde financiële kaders worden onder voorzitterschap van de Directeur-generaal Ondermijning Ministerie JenV het SKC en LFT uitgewerkt door de Stuurgroep Strategische Kennis Entiteit (SKE). Namens Defensie participeert Directeur Operaties KMar in de stuurgroep SKE.

Hoofdthema Preventieve aanpak en lokale en regionale aanpak

De preventieve aanpak uit dit hoofdthema kent een focus op (kwetsbare) jongeren en hun leefomgeving met als doel te voorkomen dat zij in de criminaliteit terecht komen of hierin verder afglijden. Daarnaast wordt door JenV in samenwerking met het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) ingezet op het optimaal benutten van mogelijkheden om een gedragsverandering te bewerkstellingen bij gebruikers van illegale drugs. Tevens worden de gemeentes in deze problematiek ondersteunt, bijvoorbeeld over de mogelijkheid om effectievere vergunningsvoorwaarden te hanteren ten aanzien van drugsgebruik. De KMAR participeert in deze lijn via de Regionale Informatie- en Expertise Centra (RIEC’s) structuur. Samen met het Landelijk Informatie- en Expertise Centrum (LIEC) richten zich op de bestrijding van ondermijnende criminaliteit. Ze verbinden informatie, expertise en krachten van de verschillende overheidsinstanties. Daarnaast stimuleren en ondersteunen de RIEC’s de publiek-private samenwerking bij de aanpak van die ondermijning. (Bijv. Project Orville2 op Schiphol waar awareness trainingen vanuit de BOTOC-gelden zijn gefinancierd). Dit laatste thema vraagt geen capaciteit van Defensie. Voor de eerste twee thema’s geldt dat Defensie (Kmar en CLAS) daardoor geraakt worden en daarom zijn er 2 cVRP’n gemaakt. Beide cVRP’n wel vanuit hetzelfde beleidsvoornemen. Alle drie de hoofdthema’s volgen een eigen spoor. Het hoofdthema MIT staat naast bewaken en beveiligen. Bewaken en beveiligen is gericht op het voorkomen van dreigingen en het MIT is gericht op de aanpak van die dreiging. Het betreft twee onafhankelijke thema’s met aparte stuurgroepen die beide zelfstandig hun doelstelling formuleren. Er zit wel een samenhang in, maar het domein bewaken en beveiligen heeft een heel andere aanpak. Om die reden zijn ze bestuurlijk, qua tempo, qua realisatie en qua conditie, bijvoorbeeld voor financiering, los van elkaar georganiseerd. Voor het MIT is onder andere aangegeven dat er eerst een bestedingsplan moet worden aangeboden aan de stuurgroep MIT voordat de financiën echt ter beschikking worden gesteld aan de departementen. Die eis geldt niet voor bewaken en beveiligen. Om die reden zit de sturing op die twee hoofdthema’s van het BOTOC en vinden ook los van elkaar plaatst. In één Kamerbrief is het totaal van activiteiten beschreven en daaraan zijn financiën gekoppeld. De GOV|MHB is op dit moment zeer gevoelig voor het spreekwoord: ‘Geen geld, geen Zwitsers3 . Voor het BOTOC is echter zeker gesteld dat als de toekenning van de financiën minder is dan verwacht er uiteindelijk minder inspanningen geleverd gaan worden. De inspanningen van Defensie en de capaciteit die gerealiseerd wordt is nu afgestemd op de toekomstige financiering. Hierin zitten eveneens de gebruikelijke regelsystematiek van Defensie, capaciteit voor staf en ondersteuning, en de reguliere middensom systematiek. Daarmee is Defensie in staat om de versterking daadwerkelijk te realiseren. De vraag of de financiën voldoende zijn om de politieke doelstellingen te realiseren is een andere vraag en die ligt op de tafel van de Tweede Kamer. Gedurende de behandeling van het plan waren er nog genoeg uitdagingen. Aangezien die uitdagingen nog behandeld zullen worden in een volgende IOREO KMAR, zal ik ze (niet uitputtend) noemen:

  1. Medezeggenschap, hoe is de huidige indeling en aan wie is de adviesvraag gesteld voor deze voorgenomen maatregel?
  2. Wat is de uitbreiding van bestaande capaciteit en wat is nieuwe capaciteit?

1. Wie valt straks waar hiërarchisch onder? 2. Hoe vergelijken we onze functiebeschrijvingen met die van het Rijk om te voorkomen dat we straks weer onze mensen kwijtraken (hetzelfde werk voor een hoger salaris)? 3. Welk medezeggenschapsysteem is er in het MIT (Besluit Medezeggenschap Defensie versus Wet op de ondernemingsraden)? 4. Een werkorganisatie is geen tijdelijke organisatie, hoe nu verder? 5. De functievergelijkingstabel met daarbij de discussie; - Projectfuncties en sleutelfuncties. - De toegekende functiecode.

De GOV|MHB vindt het natuurlijk belangrijk dat ook Defensie haar bijdrage levert aan het brede offensief tegen georganiseerde ondermijnende criminaliteit. De multidisciplinaire samenwerkingsverbanden die op nationaal niveau ontstaan zien ook wij als noodzakelijk. Het gezamenlijke front wat gevormd gaat worden moet wel het effect bereiken dat het ook uiteindelijk het verschil gaat maken.

In april 2020 is er een begin gemaakt met de inrichting van het MIT. In fases wordt het MIT opgebouwd en in de loop van 2023 moet het MIT volledig operationeel zijn. Ik hoef u niet uit te leggen dat we nu in 2021 zitten en dat de klok tikt. Begin dit jaar berichtte de Volkskrant al dat de Nationale Politie een leegloop vreest omdat het MIT ervaren rechercheurs weg zou kopen. Ook het OM zou kritiek hebben omdat er geen boef in beeld zou zijn. Het gevecht over schaarse personele capaciteit herkent de GOV|MHB, maar het is een feit dat Keulen en Aken niet op één dag gebouwd zijn. Bij Defensie weten wij goed hoelang het duurt om iets wat afgebroken is weer op te bouwen, laat staan als je iets nieuws wilt opzetten. Je dat blijven realiseren is belangrijk, zeker als straks weer blijkt dat Defensie niet genoeg financiën toebedeeld krijgt. 1 voltijdsequivalent; rekeneenheid waarmee aangeduid wordt wat de precieze omvang van een arbeidsovereenkomst is 2 https://www.sterkeluchthaven.nl/over 3 https://onzetaal.nl/taaladvies/geen-geld-geenzwitsers/

Luitenant-generaal Hans Leijtens over het onderwerp leiderschap: er zijn veel verschillende stijlen van leiderschap maar zoek naar een stijl die bij je past en dichtbij jezelf ligt. Ook zijn ervaring buiten defensie was zeer waardevol. Hij gaat zelf voor dienend leiderschap. Hier op de foto tijdens een werkbezoek.