OPINIE - BINNENLAND

Fight light

Symposium van de Vereniging Infanterie Officieren

KOL B.D. A. KRUIZE

Op 14 januari jl. vond weer het jaarlijkse symposium van de Vereniging Infanterie Officieren (VIO) plaats. De vereniging, die dit jaar 25 jaar bestaat, had als thema voor het symposium fight light gekozen. Het (door de Britse landmacht geïnitieerde) onderwerp fight light bevat niet uitsluitend specifieke infanterie-aspecten, het raakt ook aan andere facetten die te maken hebben met het voeren van het gevecht. Om die reden heeft de redactie van Carré het zinvol geacht om de informatie uit het symposium onder een breder publiek te brengen door hieronder een ingekort verslag van het symposium te geven en door het publiceren van het artikel van de Britse kol Neil Unsworth, Fight light; the appetite for risk in dismounted close combat (een van de inleidende artikelen voor het VIO-symposium).

Opzet van het symposium

In de laatste jaren is de uitrusting van de infanterist uitgebreid met de nieuwste snufjes. Dit heeft ervoor gezorgd dat de individuele infanterist tot meer in staat is, maar ook dat zijn uitrustig steeds zwaarder is geworden. En dat heeft consequenties voor de infanterist wanneer die te voet het gevecht moet voeren. Die consequenties liggen op het gebied van comfort, bescherming en risico’s.

Het symposium had tot doel om die consequenties te belichten en met mogelijke oplossingen te komen, waarbij het in essentie gaat over de vraag hoe effectief de moderne infanterist is in het gevecht. Nadat in de ochtenduren de problematiek in een aantal briefings - waaronder die van kol Unsworth - uiteen was gezet, werd ’s middags door de deelnemers in een aantal workshops verder gediscussieerd over de aspecten hardship, appetite for risk en fight light in de Nederlandse infanterie.

De in de loop van de middag geformuleerde ideeën werden tenslotte in een plenaire vergadering gepresenteerd en voorgelegd aan een panel dat bestond uit genm Van der Zee (Bestuursstaf, Directeur Veiligheid), bgen Kooij (Staf CLAS, Directeur Training en Operaties), bgen Dobbenberg (DMO, Directeur Wapensystemen en Bedrijven) en kol De Jong (KMarns, Groepscommandant Operationele Eenheden Mariniers).

kol Unsworth

De bevindingen van het symposium

De drie workshops, hardship, appetite for risk en fight light in de Nederlandse infanterie werden alle door zes groepen deelnemers uitgevoerd. Er werd gediscussieerd op basis van stellingen. Onderstaand zijn de belangrijkste gezamenlijke bevindingen per workshop/onderwerp vermeld, aangevuld door de reactie van het panel tijdens de plenaire bijeenkomst.

Vertrouwen op de logistiek

Uitkomst van de workshop hardship

De stelling: Fight light begint bij de enkele man; als we ‘harder’ worden hebben we ook minder uitrusting nodig om ons werk te doen.

Bevindingen Fight light begint bij de enkele man/vrouw: als we harder worden hebben we minder uitrusting nodig om ons werk te doen (hardship staat voor ontbering, ellende en gebrek). Aan de ene kant is dat waar. Er moet een duidelijk onderscheid zijn tussen ‘nice to haves’ en ‘need to haves’; ‘tactics before comfort’. Dit leidt tevens tot een stijgend vertrouwen in het buddysysteem en de eigen groep. Het adagium ‘train hard, fight easy’ past daarbij. Aan de andere kant moeten we ons realiseren dat we niet per se harder, maar ook slimmer moeten zijn. Er moet meer vertrouwen komen in het systeem (logistiek, kwaliteit van materiaal). De commandanten op de laagste niveaus moeten de vrijheid krijgen om uitrusting aan te passen aan de hand van de OATDOEM-analyses (met een uitleg aan de mannen en vrouwen).

Reactie door het panel De mannen/vrouwen die nu rondlopen zijn andere militairen dan voorheen. Als iedere man/vrouw van mening is dat hij/zij recht heeft op een stukje comfort en daaraan vasthoudt, is fight light niet van toepassing. Er moet dus wel een uitleg komen over de reden achter een oefening of een regel die gesteld is. Leerdoelen moeten daarbij vergezeld worden van vormingsdoelen.

Uitkomst van de workshop appetite for risk

De stelling: Ik herken de situatie zoals die geschetst is door kol Unsworth.

Bevindingen Men herkent de situatie zoals die ’s ochtends door kol Unsworth geschetst werd (zie het artikel Fight light; the appetite for risk in dismounted close combat). De mening van de kol werd breed gedeeld. Vooral bij het aspect ‘bescherming’ is het onduidelijk wat de (juridische) bevoegdheid is van de eenheidscommandant. Daarmee vragen we niet om extra of meer regelgeving, maar wel om duidelijkheid. Daarom willen we veel meer kijken naar survivability in plaats van protection. De speelruimte voor commandanten moet duidelijk gedefinieerd worden. Meer train as you fight in alle opleidingen; ‘wat je niet ziet in training, gebruik je ook niet tijdens inzet’. Als er meer vertrouwen is in de overige wapens en dienstvakken, hoeven we minder mee te nemen.

Reactie door het panel De on scene commander bepaalt de inzet van beschermende maatregelen. Den Haag, noch Tarin Kowt, kan voor de eenheden bepalen wat er gedragen en gebruikt wordt. Die keuze wordt gemaakt door de commandant. Dat is vakmanschap, en daar leggen we vervolgens verantwoording over af. ‘Risk averse’ zijn, maakt de situatie zelfs risicovol.

Need to have of nice to have?

Soldaat van de toekomst

Uitkomst van de workshop fight light en de Nederlandse infanterie

Stelling: De Britse fight light doctrine kan naadloos ingevoerd worden in onze organisatie.

Bevindingen Er waren zowel voor- als tegenstanders van de stelling. Net als bij de Britten, zien we dat veel van de uitrusting uit voorzorg of angst meegenomen wordt. Het is ook in Nederland onduidelijk wat de vrijheden van de commandant zijn. Daarbij is het noodzakelijk om een nieuwe doctrine in te voeren en we hebben vertrouwen in de Britse benadering. Ook de tegenstanders voerden argumenten aan. Er is te weinig vertrouwen in het Nederlandse logistieke apparaat om zoveel verantwoordelijkheden zomaar over te dragen. Er wordt gevreesd dat, als puntje bij paaltje komt, de politiek toch weer zal gaan beslissen. Als laatste geldt dat fight light niet voor de hele organisatie van toepassing is, we moeten dus niet de doctrine over de hele organisatie gaan uitrollen.

Reactie door het panel Het panel kon zich vinden in de argumenten die zijn ingebracht. Het is onverstandig om de individuele militair alles zelf te laten beslissen. De keten is zo sterk als de zwakste schakel. Daarbij komt dat de Britten een heel andere organisatie hebben dan Nederland, dus één op één overnemen lijkt het panel geen goed idee.

Bovenstaand resumé is gebaseerd op het volledige verslag van het symposium dat eerder verscheen in het VIO-magazine INFANTERIE 1/2020. Het verderop gepubliceerde artikel Fight light; the appetite for risk in dismounted close combat verscheen eerder in INFANTERIE 4/2019. Voor alle gebruikte afbeeldingen geldt als bron: INFANTERIE 1/2020, Green Paper Association; fotografen maj Fred Warmer en tlnt Victor van der Griendt. Met dank aan kol Unsworth en de redactie van INFANTERIE voor het beschikbaar stellen van respectievelijk het artikel en het verslag.