OPINIE - BUITENLAND

Hoe om te gaan met China ?

(deel 3)

DR. JAAP ANTEN
analist van de werkgroep Defensiebeleid en Krijgsmacht

Inleiding

Deel 1 begon met de twee grote Amerikaanse politieke partijen. Zij hebben het zoeken naar compromissen en 'win-win' vervangen door zero-sumpolitiek: elke politieke winst van Republikeinen wordt gelijkgesteld aan het verlies van de Democraten, en omgekeerd. Om weer een nationale eenheid te creëren biedt de aloude 'gemeenschappelijke vijand' een uitweg, China. Ook China wordt nogal als een zero-sum tegemoet getreden: haar winst betekent Amerikaans verlies, maar dat is geen realistisch beeld van China.


Deel 2 ging over wat volgens Nederland essentieel is voor het bepalen van zijn standpunt tegenover China. Allereerst de internationale rechtsorde en het EU-beleid. En vooral over de beperkingen van beide. Daarna volgde het Nederlandse overheidsbeleid, gedomineerd door Buitenlandse Zaken (BuZa), dat wil zeggen zinnig strategisch advies afhouden en wachten op Europees beleid.


Dit derde deel gaat over verdere betrokkenen in het Nederlandse debat over China. De veronderstelde Nederlandse defensiekeuzes voor 2035 komen daarna aan bod. En daarna de redenen waarom die keuzes onjuist zullen blijken te zijn. Het slot bestaat uit militair-strategische adviezen.

  • Het genuanceerde China-debat in Nederland: politici en deskundigen

  • De Nederlandse krijgsmacht: China als kwade invloed

  • NL: geen strategische keuzes, maar een cocktail van cola met Brussels bier

  • In plaats van strategie: vaderlandse status, financieel en diplomatiek

  • Elementen voor een weinig strategische visie op Defensie in 2035

  • Het Nederlandse regeringsbeleid: de liberale orde

  • Waarom het Nederlands beleid niet werkt

  • Gevolgen van de illiberale orde: zwakte van de EU en NAVO

  • Het illiberalisme en Trump; China de wereld naar het evenbeeld

  • Al met al: adviezen voor een militair-strategische visie op 2035 en daarna

Het genuanceerde China-debat in Nederland: politici en deskundigen

In de openbare bijeenkomsten over China zijn meerdere groeperingen te onderscheiden: academische onderzoekers, zoals van de Aziatische studies in Leiden, aangevuld met ondernemers en anderen die werkervaring hebben in of met China, daarnaast het aan BuZa gelieerde Instituut Clingendael en aan Defensie gerelateerde groepen, als derde de hierin gespecialiseerde Kamerleden en andere politici.


Alle drie de groepen werkten samen in de bijeenkomst Talking China Strategy op 3 juni 2019 in Den Haag [33]. Monika Sie Dhian Ho, directeur van Clingendael, prees hierbij dat zowel de VVD als GroenLinks een visie op China hadden opgesteld. De standpunten van beide partijen, wat betreft handel en mensenrechten, zogezegd tussen de koopman en de dominee, ontliepen elkaar niet veel, zoals de Kamerleden van deze partijen constateerden. Daarbij was ook Bram van Ojik, voormalig fractievoorzitter van GroenLinks en de nestor van dit politieke gezelschap. Van Ojik betoogde dat er strategischer gedacht moet worden in Nederland en Europa. Kiezen tussen meer eigen spoorwegen en staal in Europa en Servië en Macedonië erbij te betrekken, of ons daarin te laten domineren door China. De Europese begrotingsregels leiden ertoe dat Piraeus, Triëst en Genua in de aanbieding komen voor China.


De jongere onderzoekers en deskundigen die aan het woord kwamen stonden genuanceerd tegenover China. Met name Rogier Creemers, jurist en cyberexpert, die stelde dat voor wat betreft diefstal van intellectueel eigendom de Verenigde Staten (VS) daar vroeger ook heel creatief mee omgingen. Wat betreft veiligheid constateerde hij dat niet alleen China, maar ook de Amerikaanse NSA (National Security Agency) de regels overtreedt. China is hierbij zowel een vijand als een partner, want voor een deel kunnen we niet om China heen. Creemers plaatst Europa in een middenpositie tussen de Amerikanen en Chinezen. China kijkt ook hoe de EU Google en Facebook juridisch aanpakt. Het ziet de EU als meer legitiem dan de VS.


De aan Clingendael verbonden Sanne van der Lugt had kritiek op Europese bedrijven in Afrika. Deze denken vaak op korte termijn, terwijl Chinese bedrijven juist meer naar de lange termijn kijken. Ook leggen zij Afrikaanse overheden alternatieven voor waaruit zij kunnen kiezen. Hierbij moet worden bedacht dat zij ervaringsdeskundige is die in Afrika heeft geopereerd. Een broodnodige stap naar wat meer westerse zelfkritiek, lijkt me. Een vertegenwoordiger van het Nederlands Dagblad reageerde daarop met de bekende argumenten dat China Afrikaanse landen opzadelt met schulden (zie deel 1). De eveneens aan Clingendael verbonden René Cuperus gaf de resultaten van onderzoek weer onder jongeren. Zij hebben interesse in China en vinden het huidige, door een oudere generatie gedomineerde, debat over China te negatief. Anderzijds weten veel jongeren niet wat het communisme inhoudt - een omissie in ons onderwijs! Verder benadrukte Cuperus dat de Chinezen niet begrijpen dat het Westen niet complimenteuzer is over hun enorme prestaties. Hij noemde nog twee aspecten die aansluiten bij wat hiervoor is betoogd: ten eerste 'de morele arrogantie van het Westen'. Alles buiten het Westen deugt niet, en ten tweede: minstens de helft van onze China-strategie moet over ons zelf gaan en onze tekortkomingen.


Dit was slechts een impressie van een van de meerdere interessante debatten die ik bijwoonde, waarin nog andere zaken ter sprake kwamen.

De Zuid-Chinese Zee met de territoriale claims door de omliggende landen (foto: Wikimedia Commons)

De Nederlandse krijgsmacht: China als kwade invloed

Een andere groep bestaaat uit nauw met Defensie verbonden deskundigen. Ofschoon ze tijdens diverse bijeenkomsten ontmoetingen hebben met andere experts, leven ze te veel in een eigen wereld. Bij de Atlantische Commissie bijvoorbeeld, bij vragen uit de zaal, worden China en Rusland vaak in een adem genoemd als verstorende, kwalijke invloeden in de wereld. Ook wordt China vaak negatief beoordeeld, uiteraard vanwege haar activiteiten in de Zuid-Chinese Zee. Dat ligt beslist niet alleen aan hen. Een deel van de China-kenners heeft geen bijzondere interesse in Defensie en de bijbehorende machtspolitiek, die vaak sombere en dramatische vergezichten schildert.


Een ander deel van de China-kenners heeft wel belangstelling. Veel Nederlandse defensiekenners oriënteren zich namelijk op Anglo-Amerikaanse defensiebronnen over China en identificeren zich veelal - zonder gebruik te maken van de kennis in Nederland zelf - nogal met het steeds negatievere beeld van dit land. Westers ingrijpen wordt in de regel gezien als positief, of in ieder geval als positief bedoeld. Een heldere vergelijking tussen Amerikaanse belangen en Amerikaanse vijandbeelden met de onze wordt op zijn best onvoldoende uitgewerkt. Ook niet voor de toekomst, de periode 2030 – 2035, waarvoor een recent rapport van het The Hague Centre for Strategic Studies (HCSS) is bedoeld: Geopolitics and Maritime Security: A broad perspective on the future capability portfolio of the Royal Netherlands Navy [34]. Op pagina 82 lezen we bijvoorbeeld:


'As the US considers China and Iran its principle adversaries, they are likely to take the lead in counter-A2AD

operations in the South China Sea and the Persian Gulf. Where the US are leading, its allies - including the

Netherlands - could be tasked to protect the adjacent SLOCs and choke points. It is unlikely that this will

include strike operations from the sea.'


Als de VS, na eenzijdig het nucleair akkoord met Iran te hebben opgezegd, betrokken raken bij een ernstige escalatie, die ongetwijfeld de Straat van Hormuz omvat, kunnen Amerika's bondgenoten daar blijvend buiten de strijd blijven?

NL: geen strategische keuzes, maar een cocktail van cola met Brussels bier

Dries van Agt sprak eens met milde humor en zelfrelativering over het buitenlandbeleid van lang geleden. De jaren 1977-1982, waarin hij premier was. Als wij, hij en de minister van BuZa, ergens ter wereld iets wilden, dan keken we eerst hoe de Amerikanen erover dachten. Zijn ze voor dan doen we het, zijn ze neutraal dan doen we het ook, zijn ze tegen, nou, dan doen we het niet.


Wie heden ten dage premier Rutte en de ministers Bijleveld en Blok beluistert, mag constateren dat dit voor hen geen ver verleden is, maar de 21e-eeuwse toekomst! Natuurlijk, de tijden veranderen, het wordt dus een klein scheutje minder VS en een scheutje meer EU. Maar eigenlijk een cocktail van meer van hetzelfde. Is de EU voor dan doen we het, neutraal ook en als de EU tegen is, dan doen we het niet.


Kortom, het overdenken van brede strategische keuzes is niet populair in onze hoogste politieke regionen; het blijft uitbesteed aan de machten waaraan we ons hebben gelieerd. We hebben hiervoor al gezien dat dit tot problemen leidt, nu de VS wispelturig zijn en de EU niet met een uitgewerkte China-strategie komt. De Nederlandse overheidsoplossing is wat ministeries het liefste doen, apathie en afwachten tot er iets gebeurt.

In plaats van strategie: vaderlandse status, financieel en diplomatiek

Belangrijk regeringsbeleid is uitstel en weinig doen behalve de eigen organisatie 'vernieuwen', overhoop halen met reorganisaties. Alles zoveel laten voor wat het is. Het enige dat werkt is voorzichtig omgaan met geld en dat lukt prima. Natuurlijk was dit deels noodzakelijk: allerlei maatschappelijke kosten als gezondheidszorg en pensioenen stegen sneller dan het bbp. Deze onhoudbare trend wordt omgebogen, een grote prestatie.


Een minder grote prestatie was dat financiële voorzichtigheid sinds lang ook het Nederlandse Europese beleid kenmerkt. Het begrotingstekort van een EU-lidstaat mag niet hoger dan 3% bbp zijn, een wel zeer strenge norm. Nederland zelf bezuinigde dusdanig dat we in een positie kwamen om andere landen de maat te nemen qua economische politiek. Dit gaat om méér dan zorgen over begrotingen, het geeft een bepaalde status. Dat wil zeggen, status in onze eigen ogen, want andere landen zien dat vaak heel anders. Tijdens zijn afscheidsrede als president van de Raad van Europa, kreeg Nederland hierover kritiek van Donald Tusk [35].


Een andere vorm van status was het bezuinigen op Defensie, maar tegelijk meedoen met militaire operaties van de VS, waardoor allerlei deuren opengingen. Defensie was een soort geld, een ruilmiddel, waarmee je internationale status kon kopen. Dat de defensieorganisatie hierdoor materieel en structureel werd uitgehold deed er niet toe. Deze vormen van status werken op de korte termijn. De Nederlandse politiek wordt al tientallen jaren gekenmerkt door kortetermijndenken. Strategisch denken staat daarbij in de weg, dat past daar niet bij.

President Xi Jinping van China

Elementen voor een weinig strategische visie op Defensie in 2035

Minister Bijleveld en anderen zullen hun visie op Defensie presenteren voor pakweg de komende vijftienjaar, zeg 2035. Welke ingrediënten zouden deze (mij nog onbekende) recepten voor de Defensie van 2035 kunnen bevatten? Pas op! Proeft u veel van deze onderstaande ingrediënten hierin, maar weinig verrassende andere, dan is de voedingswaarde veel te mager om vijftien jaar op te teren.


Het strategisch kader zal uit een verzameling hedendaagse trends bestaan. Het is instabiel aan de Europese grenzen, zoals rond de Middellandse Zee. Rusland is in Oost-Oekraïne actief, rukt op in het arctisch gebied en kan van alles gaan doen. En doet dat ook, denk aan inmenging in verkiezingen in het Westen, cyberoorlog, nieuwe wapens enzovoorts. China ontbreekt zeker niet. Wel zal, vanwege het raadplegen van voornamelijk Anglo-Amerikaanse literatuur over China in defensiekringen, gekoppeld aan het bescheiden afgaan op de genuanceerde kennis over dit land die Nederland zèlf in huis heeft, de toenemende Chinese invloed goeddeels negatief worden beschreven. De Zuid-Chinese Zee, het opzadelen van landen met schulden, de mensenrechten enzovoorts. En natuurlijk, de enorme militaire opbouw.


Mogelijk zal - onder verwijzing naar het boek De Nieuwe Wereldorde van HCSS-directeur Rob de Wijk - wel worden opgemerkt dat China in 2050 die orde behoorlijk zal bepalen [36]. Maar dat is ver weg en het zal de receptuur voor 2035 niet op zijn kop zetten. Een iets warmere wereld, ja, maar eentje waarin de veronderstelde eigen wereldorde vanwege het eigen veronderstelde moreel-juridisch gelijk - desnoods afdwingbaar met defensiematerieel, 'maar dan moet dat er wél komen!' - nog wel overeind blijft.


Er zal ook worden opgemerkt dat de EU-landen zichzelf onvoldoende kunnen verdedigen. Wie weet wordt er verwezen naar de studie van het International Institute for Strategic Studies (IISS) [37], waarin wordt gesteld dat dit de Europese landen pakweg 400 miljard euro extra gaat kosten. Die willen dat niet opbrengen. Daarom zal het primaat van de NAVO door Nederland worden uitgelegd als puur realisme: 'Zonder de VS gaat het niet' [38]. Daarbij komt ongetwijfeld de Amerikaans - Chinese militaire rivaliteit ter sprake. Europa zal daardoor zijn eigen ‘theater’ beter moeten gaan verdedigen. Tot 2024 zal dat voor Nederland lastig zijn, omdat het percentage bbp voor Defensie dan niet hoger zal zijn dan de huidige, 1,35%. Daarna zal Nederland écht zijn bijdrage moeten leveren aan een aangepaste situatie. Bijvoorbeeld de situatie waarin de Europese landen in 2035 pakweg de helft van de daadwerkelijke Europese defensielasten opbrengen.


Het hele verhaal heeft de volgende functie: aan materieel en personeel komen. Wat het materieel betreft zullen onze luchtmacht en marine het liefst de zekerheid hebben dat het weinige dat ze nu nog hebben in 2035 is vervangen. De landmacht zal deels worden hervormd vanwege de eerste hoofdtaak, populair gezegd, het kunnen vechten in en rondom Europa. Merk op dat de materiële en personele omvang in 2020 - en in ieder geval de momenteel gewenste - grotendeels gelijk wordt gesteld aan 2035. Dit bewijst al dat er geen sprake is van een ware strategische visie. Het Nederlands regeringsbeleid staat deze in de weg.

Het Nederlandse regeringsbeleid: de liberale orde

Nederland zal in het regeringsbeleid zo lang mogelijk vasthouden aan de huidige liberale orde. Die liberale wereldorde bevat blijven hameren op de huidige vorm van rules-based order met een bijbehorende ideologie over vrijhandel en mensenrechten. Speciaal een gezonde vaderlandse economie, waarmee niet veel meer wordt bedoeld een klein begrotingstekort en veel handel. Stevige kritiek op andere landen over het niet voldoen aan de regels over mensenrechten, rechtsorde en financieel beleid. En om die orde te verdedigen een transactionele relatie met de VS. De VS moeten Europa blijven verdedigen in ruil voor Nederlandse steun aan de Amerikaanse politiek en buitenlandse avonturen, op zijn minst passief door er niet keihard tegenin te gaan, deels actief.

Waarom het Nederlands beleid niet werkt

In deel 2 is al besproken dat de rules-based order hoogst onvolledig is en voor westerse landen in de praktijk een mondiaal machtsinstrument is. Maar ook binnen Europa levert deze orde een scheidslijn op, met gevolgen voor de EU en de NAVO. Dit wordt verklaard in het boek Falend Licht, hoe het Westen de Koude Oorlog won, maar de vrede verloor, van prof. Stephen Holmes, hoogleraar rechtswetenschappen in New York, en Ivan Krastev, een Bulgaar die aan de verkeerde kant van het IJzeren Gordijn is opgegroeid [39]. Toen dat gordijn opende besloten de Oost-Europese landen om twee redenen de westerse liberale orde te imiteren. Een negatieve, afkeer van de overheersing en een positieve, de welvaart en de vrijheden die deze orde beloofde.


Dit pakte anders uit. De Oost-Europese elites van voor 1989 begonnen zelf het oude systeem te ontmantelen en behielden zo hun posities. Tegelijk kregen zij de allerlaatste ontwikkelingen van de westerse orde over zich heen: overheidsbedrijven privatiseren en steeds vrijer verkeer van personen. Zo kregen de oude elites voor relatief weinig geld voormalig staatsbezit in eigen hand. Maar de bevolking bleef, ondanks de toevloed van geld uit het Westen, goeddeels met lege handen staan.


Erger nog, de jonge talenten uit deze naties vertrokken naar het westen, waar werk was en veel beter werd betaald. De landen hadden en hebben hierdoor te maken met een enorme terugloop van de bevolking. Er ontstaat bezorgdheid over het voortbestaan van deze landen als zelfstandig volk en natie. De geschiedenis heeft deze landen wel geleerd wat het is om van de kaart te verdwijnen.


Dat betekende de liberale orde voor deze landen. Het sluitstuk vormt de EU, dat wil zeggen, rules-based Brussel. Brussel gaat ervan uit dat als je maar de regels volgt, alles goed is. Dus geen oog voor het bovenstaande, maar voortdurend op de vingers tikken dat men niet liberaal genoeg is, bijvoorbeeld door geen vluchtelingen op te nemen of door corruptie te weinig te bestrijden, zonder er begrip voor te hebben dat een zakenman in Bulgarije niet lang zakenman kan blijven als hij niet her en der iemand iets toestopt. Men blijft zich blijvend minderwaardig voelen, een minderwaardige navolger van het Westen.


De liberale orde in de huidige vorm creëert daardoor deels het illiberale populisme in deze landen. Hoewel Krastev en Holmes niet fatalistisch zijn, tonen zij aan dat de kloof met West-Europa veel dieper is dan gedacht. Sterker nog, illiberale leiders als Orbán van Hongarije zien zich als de voorhoede van hoe het Westen zou moeten handelen. En zo staan deze landen veel dichter bij ons en zijn ze afhankelijker van de EU dan China. Het laat zich raden hoeveel de liberale orde China zal gaan veranderen.

Gevolgen van de illiberale orde: zwakte van de EU en NAVO

De populistische reactie in Oost-Europa biedt China extra mogelijkheden. Dat zijn de 17+1. China kan dus het oosten van Europa deels gaan organiseren. Wat betreft de (in deel 2 behandelde) stemming over de Oeigoeren namen veel landen daar de westerse kritiek niet over, een splitsing binnen de EU. En een splitsing binnen de NAVO, in die zin dat deze landen weinig met West-Europa op hebben, maar op Washington vertrouwen voor effectieve veiligheid.


West-Europa kan dat naar mijn mening alleen tegengaan door een aantrekkelijker alternatief te zijn, minder rules-based, maar met een meer analytische benadering van de problemen daar. , Door makkelijker kredieten aan te bieden voor infrastructurele projecten en meer geld ter beschikking te stellen voor defensie, voor hun veiligheid. Dit, en zeker het laatste, zal voorlopig niet gebeuren. Duitsland ligt dwars. Dat land wil, zo betoogde Roland Freudenstein, die verbonden is aan het Wilfried Martens Centre for European Studies op hilarische wijze, het liefst een groot Zwitserland zijn [40]. En het nieuwe leidersduo van de Duitse sociaaldemocraten, Saskia Eskens en Norbert Walter-Borjans, laat hier weinig twijfel over: ontwapening ja, vernieuwing nee [41]. Ook het Nederlandse rules-based en vooral monetair ingegeven overheidsbeleid om niet méér geld aan Europa te spenderen of om daarin méér militaire veiligheid te garanderen, lijkt meer op sabotage van een oplossing dan een oplossing.

Het illiberalisme en Trump; China de wereld naar het evenbeeld

Krestav en Holmes maken ook een analyse van Trump. Trump is een populistische leider, die voortdurend onwaarheden vertelt. Net als Poetin en Orbán is de waarheid voor hem instrumenteel. Wat in een situatie het meest effectief lijkt, dat bepaalt of je waarheden of onwaarheden vertelt. Het gaat erom te winnen. Als eerste Amerikaanse president heeft Trump namelijk niets met het Amerikaans exceptionalisme. De VS als baken van de mondiale Verlichting, naar wiens evenbeeld andere landen goed- of kwaadschiks worden gevormd. Maar Trumps America First houdt in dat de wereld een jungle is waarin de sterksten overleven. Dus geen sterke klonen van jezelf creëren. Het was dom om Amerikaans intellectueel eigendom en andere zaken aan de Europeanen en Japanners te geven, waardoor die landen Amerika kunnen beconcurreren. Dat is niets anders dan banen- en geldverlies voor de VS. Net als een effectieve EU.


Trumps America First kent geen missiementaliteit, betogen Krestav en Holmes verder. Hierin lijkt het op China's aloude en tegenwoordige China First, dat Mao's mislukte revolutionaire politiek om de wereld naar China's evenbeeld te vormen, heeft afgezworen. Het huidige China wil macht en invloed. Trump vertegenwoordigt meer dan zichzelf. Beide auteurs tonen in mijn ogen overtuigend aan dat Trumps machtsbasis, bij politici en kiezers, berust op mensen die van deze denkbeelden gecharmeerd zijn. Het maakt hem in mijn ogen de ultieme vertegenwoordiger van de (in deel 1 beschreven) Amerikaanse politieke zero-sum mentaliteit. Dit alles zal na hem nog blijven voortwoekeren. Een recente geruststellende opmerking van Rob de Wijk, dat er een tijd na Trump komt, lijkt me voorbarig [42]. Laat staan als Trump zou worden herkozen.

Dit kan naar mijn mening kwalijke gevolgen hebben voor de NAVO, die zelfs een voldoen aan de 2% procent norm niet kunnen pareren. Deze transactionele Europese benadering heeft wellicht zijn langste tijd gehad. Bondgenoten worden steeds meer instrumenten om America First te bevorderen.

Al met al:
adviezen voor een militair-strategische visie op 2035 en daarna

Een mondiale strategische visie gaat uit van wat het meest waarschijnlijk is, niets meer, niets minder. Net als een weervoorspelling voor de komende weken gaat het om kansen, die dagelijks worden bijgesteld. Maar dan in jaren in plaats van dagen. Dat betekent niet dat deze visie instabiel hoeft te zijn. Voorstanders van kortetermijnbeleid wijzen op onvoorspelbaarheid, maar niet op het feit dat de Amerikaanse en Chinese defensie-industrie en defensiecapaciteiten veel kenmerken van een infrastructuur hebben. Infrastructurele projecten zijn nu juist iets voor de lange en zeer lange termijn.


Het in deel 2 behandelde AIV-rapport geeft een aantal, deels geostrategische, adviezen. In lijn hiermee volgt nu een aantal meer militair-geostrategische adviezen hoe Nederland zich internationaal moet opstellen.


1. Besef dat de Chinese economie anno 2019 bijna een derde groter is dan die van de VS. En in 2024 anderhalf maal zo groot. De reden hiervoor is in deel 1 uitgelegd. Premier Rutte, NAVO-voorman Jens Stoltenberg, Ko Colijn en vele anderen noemen vaak het nominale bruto binnenlands product (bbp). Bij nominaal wordt gedaan alsof alles even duur is als in de VS. Dat is niet zo, dat is een drog-gedachte: in China liggen de prijzen veel lager. Daardoor kun je voor een dollar aanzienlijk meer goederen en diensten kopen dan inde VS. Koopkrachtpariteit heet dat. Daarom laat Apple zo veel in China maken. En het geldt ook voor militair materieel en personeel.

Containerschip de Shanghai Express; de haven van Shanghai is al jaren de grootste ter wereld (fito: Wikimedia Commons)

2. Realiseer u dat de Chinese defensiebegroting gekoppeld is aan het bbp. Al vele jaren is die 1,9% bbp. Dat betekent voor 2019, onder verwijzing naar deel 1, in termen van goedkopere goederen en diensten het equivalent van 1,9 procent van 27 biljoen dollar, of wel 520 miljard dollar. Ter vergelijking de Amerikaanse defensiebegroting van 686 miljard, waarvan nog minstens 50 miljard af moet vanwege de vele buitenlandse militaire bases.


3. Bedenk dat dit verklaart waarom de Chinese militaire opbouw zo enorm groot is. Zoals in deel 1 al is uitgelegd, is die opbouw alleen al ter zee sinds 2013 gigantisch, waarbij de Chinese vliegkampschepen, onderzeeboten en 40.00- ton helikopter-carriers niet eens staan vermeld.


4. Besef dat de Amerikanen zich gaan realiseren dat zij over circa zes jaar deze enorme militaire opbouw van China niet meer op lange termijn kunnen volgen. Ze zullen doorkrijgen dat er iets niet klopt aan hun vasthouden aan nominaal bbp in plaats van koopkrachtpariteit, waarin de economie van China dan al anderhalf maal zo groot is. De Chinezen hebben dit natuurlijk allang zien aankomen. Vooropgesteld dat hun defensie zeker 1,9 procent van het bbp blijft opslokken, wat door de spanningen niet minder wordt. En dan zal er een zekere paniek uitbreken in Washington.


5. Bedenk dat de Amerikanen dan, na 2025, nog meer dan nu, niet alleen hun Aziatische, maar ook hun Atlantische bondgenoten als instrumenten zullen zien om China in te dammen. Maar de ASEAN-staten (op Vietnam na) staan hier niet om te springen en wat Europa eventueel naar de Zuid-Chinese Zee en de Pacific zal sturen, kan nooit een strategische kanteling veroorzaken. Het verzwakt alleen de Europese defensie.


6. Bedenk dat als de Amerikanen hun politiek van containment tegen China voortzetten - en daar lijkt het wel op - zij met man en macht in Azië aanwezig zullen zijn. Daardoor krijgen hun toezeggingen voor steun voor de NAVO na 2025 met het jaar minder waarde en zullen die na 2035 bijna nul zijn.


7. Bedenk daarom dat de discussie over een fifty-fifty Europees-Amerikaanse lastenverdeling voor de Europese NAVO-verdediging na 2030 vrijwel zinloos is. Besef dat hierdoor de Nederlandse en Duitse transactionele NAVO-politiek spoedig onhaalbaar is: een loyaal Amerikaans bondgenoot in ruil voor Amerikaanse steun. Doordat de VS zich weggedrukt voelen door China zal Europa vrijwel geheel op eigen benen moeten gaan staan. Europa moet zelfstandig zijn eigen continent kunnen beheersen: te land, ter zee, in de lucht en digitaal.


8. Bedenk wat dit voor gevolgen heeft voor de Nederlandse opstelling binnen de EU en de expansie van de krijgsmacht. Het is essentieel ons strategisch aan te sluiten bij het enige grote EU-land dat strategisch denkt, Frankrijk.

9. Maar Nederland moet daarbij strategische keuzes maken welke industrieën het wil handhaven. Anders overtroeven de Fransen en de Duitsers, die de industriële koek willen verdelen, ons aan alle kanten. Daarbij creëert de toekomstig defensie-expansie ruimte voor een belangrijkere Nederlandse defensie-industrie. Industriepolitiek is iets wezenlijk anders dan de huidige handelsbevordering.


10. Bedenk dat China qua defensie in termen van bbp militair aanzienlijk minder presteert in vergelijking met de VS, namelijk 1,95 tegen 3,5. Dat kan veranderen. China kan, net als veel Europese landen nu, bij toenemende spanning concluderen dat een economie van wereldformaat alleen niet voldoende is, maar dat daar ook meer defensie-invloed bij hoort.


11. Realiseer u dat bovenstaande strategische ontwikkeling enorm wordt versneld als het Chinese defensie-bbp van 1,9% naar Amerikaans niveau wordt getild. De gevolgen zullen voor Europa rampzalig zijn. Haar militaire kracht wordt dan nog veel sneller kleiner. De EU-landen moeten alles eraan doen om dit te voorkomen. Tot bijna elke prijs en in ieder geval door niet mee te doen met het Amerikaanse zwartmaken van China.


12. Beoordeel strategische stukken op waar militair het bbp-kantelpunt ligt voor de Chinese leiding. Ik ken zulke stukken niet. De Taiwan-crisis, waarin president Clinton in 1996 tot schrik van de Chinezen twee vliegkampschepen in plaats van een stuurde en waar de Nimitz zelfs door de Straat van Taiwan voer, was zo'n kantelpunt. De Chinese leiders besloten de ontwikkeling van hun vliegkampschepen te versnellen en nu zitten we met de gevolgen.

Op 17 december 2019 werd China's eerste zelfgebouwde vliegdekschip, de Shandong, in de vaart genomen

13. Onderhandel op middellange termijn met de Chinezen over zaken als wat ze met de Zuid-Chinese Zee willen. Door hun enorme vlootopbouw zullen westerse schepen er binnen enkele jaren de facto in het beste geval gedoogd worden. Bij onderhandelingen zal het Westen zijn mondiaal verklaarde regels - enkel geografische criteria ter zee zonder de omvang van een bevolking mee te tellen - deels overboord moeten zetten. In ruil daarvoor moet China zich serieus verantwoordelijk willen voelen voor een gedeelde internationale orde. Inclusief hopelijk een wat grotere proportie mensenrechten. Doe dat ook bij de 17+1.


14. Beoordeel het Westen niet alleen op zijn idealen, maar wat daar daadwerkelijk van terecht komt en op de lange termijn. Zelfkritiek is noodzakelijk. Denk even aan de Chagos-eilanden. Bekritiseer China genuanceerd in Afrika. Veel van de kritiek geeft trouwens weer hoe het Westen zelf in de postkoloniale periode met de landen daar omging: opzadelen met onaflosbare schulden, autowegen zonder auto's, ondernemingen waar de lokale bevolking weinig van profiteerde en het dumpen van Europese landbouwoverproductie, waardoor de lokale landbouw instortte.


15. Maar wordt geen 'nuttige idioot'. Ondersteun Poetin, Orbán en ook Trump niet in hun, soms terechte, kritiek op de liberale orde. Het betreft geen constructieve kritiek om de tekortkomingen van deze orde weg te nemen, maar een instrument om een heel andere aanpak te billijken.


16. De Afrikaanse landen maken nu eigen keuzes en daarbij moeten wij zorgen dat we de betere partij zijn, de aanlokkelijke keuze. Betrouwbaar op de lange termijn, menselijk, zelfkritisch en betaalbaar bij de aanleg van bijvoorbeeld spoorwegen en kabeltelevisie; zonder veel winstbejag, anders verliezen we.


Van ons zwartmaken van de Chinezen zijn ze in Afrika wellicht minder gediend dan hier. En het gaat niet werken. In Europa worden per jaar 35 hogesnelheidstreinen per jaar gebouwd door Alstom en Siemens. En dan nog mochten beide bedrijven niet fuseren van de 'liberale' EU. Hoe dan in Afrika op te boksen tegen China dat er 230 per jaar produceert? Strategische keuzes moeten de oplossing zijn. Iedereen die iets van strategie weet, weet dat een tactische nederlaag een strategische overwinning kan betekenen en omgekeerd. Bijvoorbeeld, goede infrastructuur is vaak doorslaggevend voor investeringen in een gebied. Zelfs als die infrastructuur verlieslijdend blijft, kan de hieruit resulterende economische expansie dat ruimschoots dan compenseren.

Als toegift, op langere termijn ben ik niet pessimistisch dat er een paradigmaverschuiving komt, waarin de Nederlandse kortetermijn-uitstelpolitiek bij het oud vuil wordt gezet ten faveure van strategisch handelen. De klimaatdiscussie èn China's strategische aanpak dwingen tot strategisch denken. En nogmaals, militair gezien moeten we naar beste vermogen voorkomen dat China niet gaat beslissen om zijn begrotingspercentage voor defensie naar Amerikaans niveau te verhogen, omdat de gevolgen dan voor ons niet te overzien zijn.

Noten

[33] Gebaseerd op aantekeningen die door mij tijdens de bijeenkomst zijn gemaakt.

[34] Frank Bekkers e.a., Geopolitics and Maritime Security: A broad perspective on the future capability portfolio of the Royal Netherlands Navy. HCSS Security https://hcss.nl/sites/default/files/files/reports/Geopolitics%20and%20Maritime%20Security-web.pdf

[35] David M. Herszenhorn, Tusk: ‘It is simply too late to impeach Donald, at least the European one’, Politico.eu 13 november 2019, https://www.politico.eu/article/donald-tusk-it-is-simply-too-late-to-impeach-donald-at-least-the-european-one/

[36] Rob de Wijk, ‘De nieuwe wereldorde. Hoe China sluipenderwijs de macht overneemt’, Utgeverij Balans, 2019.

[37] Douglas Barrie, Ben Barry, Dr Lucie Béraud-Sudreau, Henry Boyd, Nick Childs, Dr. Bastian Giegerich, Defending Europe: scenario-based capability requirements for NATO’s European members, IISS (The International Institute for Strategic Studies), April 2019. https://www.iiss.org/blogs/research-paper/2019/05/defending-europe

[38] Europarlementariër Hans van Baalen (EP/VVD) in de Eerste Kamer 7 februari 2019 Staat van de Europese Unie...(35078-1). https://www.eerstekamer.nl/behandeling/20190207/staat_van_de_europese_unie/document3/f=/vkw7izw91ny5.pdf p. 51-10-5

[39] Ivan Krastev en Stephen Holmes, Falend Licht, hoe het Westen de Koude Oorlog won, maar de vrede verloor, Uitgeverij Atlas Contact, 2019. Vertaling van The light that faded, Pinguin Press, 2019.

[40] Tijdens Trans-Atlantic Relations: Continuity and Discontinuity in a Multi-layered Relationship. Seminar van de Atlantische Commissie op 3 juli 2019 in Den Haag.

[41] Judith Mischke en Joshua Posaner, Germany’s new Social Democrat chiefs spoil for a fight on defense, Politico, 12/06/2019. https://www.politico.eu/article/germanys-new-social-democrat-chiefs-spoil-for-a-fight-on-defense/

[42] Door Rob de Wijk gedaan op het symposium Mare Liberum van de KVMO te Rotterdam op 29 november 2019.