HISTORIE

De T-6 Harvard in dienst van de Koninklijke Luchtmacht

lkol b.d. P. Dekkers

De Harvard als filmster, speelde ook de rol van Japanse bommenwerper in de oorlogsfilm Tora Tora Tora (foto: Wikimedia Commons)

In de reeks artikelen over de vliegtuigen waar onze luchtmacht de afgelopen decennia mee gevlogen heeft, werd vrijwel steevast begonnen met de opmerking dat het heden ten dage nauwelijks meer voorstelbaar is: de aantallen vliegtuigen waarover de luchtstrijdkrachten destijds de beschikking hadden. Dat is ditmaal bij de Harvard niet anders: van dit vliegtuig voor de Voortgezette Vliegopleiding (VVO) hadden de luchtstrijdkrachten er in de jaren veertig en vijftig niet minder dan tweehonderd in gebruik. De toestellen waren alle afkomstig van de Royal Air Force (RAF), waarvan er in 1945 150 werden overgenomen en een paar jaar later nog eens vijftig.


Van de RAF is ook de naam afkomstig; bij de fabrikant, het Amerikaanse North American Aviation,zag dit vliegtuig in 1935 het levenslicht als de AT-6 Texan. Bij de Britse, en daarmee gelieerde strijdkrachten, werd de naam Harvard gehanteerd. Met bijna 16.000 geproduceerde exemplaren moet dit een van de meest geproduceerde lesvliegtuigen ooit zijn. In Nederland was de Harvard overigens niet alleen in dienst bij de luchtstrijdkrachten, ook bij de Rijksluchtvaartschool (RLS) was het toestel in gebruik. Een aantal Nederlandse Harvards kwam terecht in Nederlands-Indië bij de vliegschool in Kalidjati; deze belandden na de soevereiniteitsoverdracht bij de luchtmacht van de republiek Indonesia, de Angkatan Udara Republik Indonesia (AURI). Ook een paar civiele operators vlogen in Nederland met de Harvard: Schreiner Aviation gebruikte de Harvard voor het slepen van luchtdoelen ten behoeve van de LuA en er was nog een bedrijf in Loosdrecht, Daams, dat voor reclamedoeleinden gebruik maakte van een Harvard voor, wie kent het nog, het schrijven van boodschappen in de lucht.

De Harvard was vanaf de grond makkelijk te herkennen aan het typische, snerpende geluid van zijn 600 pk Pratt & Whitney Wasp negencilinder stermotor, een gevolg van het ontbreken van een vertraging tussen de krukas van de motor en de propeller, waardoor de propellertips een zeer hoge snelheid konden ontwikkelen. Aan de stuurboordzijde was de Harvard goed herkenbaar, althans voor insiders, aan de lange uitlaatdemper langs de romp. Deze en andere eigenschappen maakten het toestel geliefd om als ster in talloze oorlogsfilms te dienen, waar ze bijvoorbeeld met verve de rol vervulden van Japanse Zero’s in Tora Tora Tora.



Links en rechts respectievelijk de voorste en achterste cockpit van de Harvard

(foto's: Wikimedia Commons)

In een oorlogsfilm van eigen bodem, Soldaat van Oranje, moesten Harvards dienen als Fokker D.XXI uit de oorlogsdagen van 1940.

In Nederland is heden ten dage nog een zestal vliegtuigen in bedrijf bij de Historische Vlucht van de Koninklijke Luchtmacht.


Interessant om te weten dat dit vliegtuig ook wordt ingezet om ‘nieuwe’ vliegers op de Spitfire van de Historische Vlucht op te leiden. Er zijn immers weinig hedendaagse vliegers die nog ervaring hebben met propellervliegtuigen met zuigermotoren, en voorzien van een staartwiel. De laatste eigenschap maakt het landen en de bewegingen op de grond, het ‘taxiën’, voor de beginner door het gebrek aan uitzicht recht vooruit en de lange neus, tot een hachelijke onderneming. Toekomstige Spitfire vliegers maken zich deze kunst eigen door de Harvard vanuit de achterste cockpit te besturen.

Ondanks het feit dat de T-6 een lesvliegtuig was kon het niet snel een ‘makkelijk’ vliegtuig worden genoemd; naast de eerdergenoemde besturing op de grond had de beginnende vlieger op de Harvard nog meer uitdagingen om te overwinnen. Soms van dien aard dat veel beginnende gevechtsvliegers opmerkten dat het operationele type waarop zij later terecht kwamen, zoals de Spitfire, de Mustang of de Corsair, bijna een verademing waren vergeleken met de complexiteit van de T-6. Behalve het besturen van het vliegtuig had de vlieger te maken met zaken als inlaatdruk, mengsel, propeller en meer zaken om de motor naar behoren te laten presteren.

In Nederland waren de Harvards voor de opleidingen gestationeerd op de vliegbasis Gilze-Rijen. Daarnaast beschikte elke vliegbasis over enkele Harvards voor boodschappen, zoals bijvoorbeeld het ophalen van elders gestrande vliegers; deze vliegtuigen maakten deel uit van wat de ‘basisvlucht’ werd genoemd. Vaak behoorde daar ook nog een T-33 en een Beaver bij. Het was met een van deze toestellen dat de basisvlucht van de vliegbasis Volkel nog een wereldrecord voor de Koninklijke Luchtmacht wist te vestigen.

Twee T-6 lesvliegtuigen in 1943; toen nog Texan geheten boven Texas in 1943 (foto Wikimedia Commons)


De heren 311 Squadron vliegers Eerste-Luitenant Herman ‘Manus’ Jonkman en Sergeant I Gerard ‘Knien’ Konijnenberg, hadden zich in 1965 ten doel gesteld om in een Harvard langer in de lucht te blijven dan wie dan ook ooit tevoren. Omringd door alle mogelijke voorzorgen, een manager, medisch toezicht en een hometrainer, werden de mannen per brancard naar de B-175 vervoerd om maar vooral geen onnodige vermoeidheid op te lopen. De Harvard stond in horizontale stand opgetakeld, om de benzinetanks maar zo vol mogelijk gevuld te kunnen krijgen, op de heren te wachten.

De take-off run was lang, heel erg lang, niet verwonderlijk overigens omdat de throttle ongeveer in idle stond. Eenmaal in de lucht verliep alles naar wens, en de meest vermoeiende activiteit was, naast het kijken naar de benzinemeter, het overschakelen naar de volgende tank. Gelukkig was er voldoende koffie in de thermosfles meegenomen om wakker te blijven. De route liep van Volkel naar de Zeeuwse eilanden, vandaar naar Delfzijl en tot slot via alle Nederlandse vliegvelden terug naar Volkel, om daarboven tenslotte rondjes te blijven draaien tot de motor begon te sputteren. Toen dat gebeurde en de landing werd ingezet stond de klok bij touchdown op acht uur en een minuut. Een ongeëvenaarde prestatie, waar voor de normale endurance van de Harvard ongeveer een vliegduur van drie uur werd aangehouden.


Of dit ooit nog verbeterd is? In Nederland in ieder geval niet meer, want niet lang daarna, op 18 februari 1966, werd het laatste gele monster van Volkel door Ton Kooijmans ingeleverd op Gilze-Rijen. In 1962 was het voor wat betreft de opleidingen al afgelopen met de Harvard in Nederland. Er was een samenwerking op opleidingsgebied ontstaan met de Belgische collega’s. Nederlandse en Belgische vliegers gingen een gezamenlijk opleidingstraject in op de Fouga Magister, een straaltrainer van Franse makelij. Dat duurde tot begin jaren zeventig toen, als gevolg van de aanschaf van de NF-5 door Nederland en de Mirage 5 door de Belgen, dit ‘huwelijk’ weer werd ontbonden. Maar de Harvard leeft nog met een zestal exemplaren voort, dankzij de inspanningen van de Koninklijke Luchtmacht Historische Vlucht op Gilze-Rijen.