Waarom gaan we het niet samen fixen bij Defensie?

Medezeggenschap

door René Bliek

Er is een nieuw besef in onze samenleving door het coronavirus (SARS-CoV-2): niet alleen ik, maar ook de ander is kwetsbaar. Om die reden moeten we samen optrekken. Dat samen is nu net het probleem, want waar gaan we nu samen naar op weg? Is dat naar het ‘nieuwe’ normaal, naar het sociaal zijn in onze eigen omgeving, of naar het voldoen aan onze internationale verplichting om 2 procent van ons nationaal inkomen aan onze defensiebegroting te besteden? Wie het nu weet mag het zeggen, maar ik ben bang dat we met elkaar te verdeeld zijn, waardoor de betekenis van het woord samenleving (1) voor mij een soort lege huls wordt.

Gelukkig knokt nu in ieder geval een ‘leger’ deskundigen (samen?) om de COVID-19 pandemie te doorgronden en om een medicijn of vaccin ertegen te ontwikkelen. Ook laten veel landen op dit moment de teugels van stringente maatregelen wat vieren, waardoor er weer meer ruimte komt voor sociale- en economische verbetering. Belangrijke vraag blijft natuurlijk wel, of we nu van deze viruscrisis zoveel geleerd hebben dat een toekomstige pandemie van deze aard een geringer beslag legt op de samenleving, zowel in gezondheids- als economisch opzicht. Oftewel, zijn wij voorbereid op een komende pandemie? Ik zal u het antwoord daarop niet geven, maar helaas is het wel een feit dat lessen uit het verleden veelal snel vergeten worden. Ook de verschillende actoren in het georganiseerd overleg (GO) hebben lessen getrokken uit het verleden. Daar werd bijvoorbeeld ook gekeken naar de verschillende verhoudingen binnen de verschillende actoren in het GO, zijnde de volgende drie clusters van actoren:

  • verhoudingen tussen actoren binnen het departement van Defensie;
  • verhoudingen tussen departement en vakorganisaties;
  • verhoudingen tussen de vakorganisaties.

Uit deze lessen zouden we eigenlijk moeten begrijpen dat wij samen hetzelfde doel zouden moeten hebben. Immers wij allen streven toch, binnen de gegeven randvoorwaarden (o.a. financiële kaders), naar de beste defensieorganisatie met de daarbij behorende beste arbeidsvoorwaarden. Samenwerken heeft immers als uitgangspunt elkaar te helpen om doelgericht een activiteit uit te voeren die leidt tot een tevoren afgesproken resultaat. Het is dus een middel om het doel te bereiken. Of het nu gaat om arbeidsvoorwaarden of reorganisaties, het doel moet zijn dat we samen (werkgever, werknemers en vakorganisaties) bijdragen aan de best mogelijke organisatie die ook nog wordt gezien als de beste werkgever. De Fransen hebben een goede definitie die hier misschien bruikbaar is: esprit de corps. Wat zoiets betekent als: een gevoel van eenheid en enthousiasme door een gedeelde verantwoordelijkheid of interesse.

Samen met één doel aan het werk, hoe moeilijk kan het zijn? Samen iets doen voor de BV Nederland.

In mijn vorige bijdrage aan ons PRODEF-bulletin was ik er eigenlijk trots op dat het GO ondanks alle uitdagingen nog in staat was om voortgang te maken. Wat staat dat in een schil contrast met mijn huidige perceptie. Op dit moment zie ik dat we op diverse gebieden veel vertragingen oplopen, dus ook bij het reorganiseren. Omdat wij samen verantwoordelijk zijn, is het alleen maar belangrijk dat we samen tijdig stappen voorwaarts zetten. Het is voor de GOV|MHB essentieel dat ook maximaal voortgang wordt geboekt voor het zomerreces.(2) Zekerheid voor het personeel is ook juist nu voor de vakantieperiode belangrijk. Dat is het effect dat de GOV|MHB wil bereiken. Als ik dan bijvoorbeeld zie hoeveel informeel overleg Reorganisaties (io REO) uren er nog ter beschikking staan per Defensie Onderdeel (DO), dan weet ik zeker dat wij samen niet genoeg output gaan generen waar ons defensiepersoneel tevreden mee zou zijn. Er zijn namelijk plannen die (om welke reden dan ook) al maanden wachten op een positief advies van de vakcentrales. Niet ieder DO wordt nu echt vol getroffen, maar zeker wel een groot aantal heeft echt last van de capaciteitsuitdagingen. Door het fysiek niet bij elkaar komen en het werken in MS Teams uitgaand van 2 uur in plaats van 3 uur, met 1 uur pauze tussendoor, is het gevolg dat we naast verslag en actiepunten waarschijnlijk maar 1 reorganisatieplan per keer kunnen behandelen. Om meer uren ter beschikking te krijgen proberen we tussentijdse io REO’s te doen, vooral bedoeld om de plannen te behandelen die in de afgelopen io REO’s niet behandeld konden worden. Enkele van deze tussentijdse io REO’s hebben al plaatsgevonden. Daarbij is het de verwachting dat wij tenminste één reorganisatieplan per uur af kunnen doen. In het normale vergaderrooster stonden er voor het zomerreces nog 2 reserve io REO’s gepland ( 1 extra omdat het geplande io REO CZSK niet nodig was). Dat wil nu zeggen nog maar 4 uur vergadertijd, in plaats van de normale 6 uur. Op korte termijn zullen naar de mening van de GOV|MHB echt extra uren gemaakt moeten worden om reorganisaties en de Begeleidingscommissie Reorganisatie Personele Implementatie (BCO-PI) voor het zomerreces af te doen.

Onderstaand heb ik (niet uitputtend) een lijst opgenomen van onderwerpen van verschillende DO’n die nu wachten op (verdere) behandeling in de twee reserve io REO’s:

  • LPL 1670 (MATLOGCO);
  • LPL 1667 (Versterken VUSTCO);
  • Bedrijfsveiligheid – fase 1;
  • LPL 1671 (APS-Eygelshoven);
  • LPL 1673 (versterken B&TCO);
  • LPL 1675 (Versterken 400 GNKBAT);
  • Doorontwikkeling Vliegbasis Eindhoven;
  • Defensie Gezondheidszorg Opleidings- en Trainingscentrum (DGOTC);
  • Defensie Verkeers- en Vervoersorganisatie (DVVO).

Een alternatief kan zijn om net zoals de informele overlegperiode te werken. Toen stelde elke centrale haar vragen schriftelijk/ mondeling aan de desbetreffende voorzitter/ specialist van de io REO. Die werden dan beantwoord en middels een formele nota vastgelegd. De bijbehorende documenten werden (indien noodzakelijk) aangepast. Ook werd zeker gesteld dat alles met elkaar gedeeld werd om te voorkomen dat niet iedereen tijdig werd geïnformeerd. Ik roep een ieder nogmaals op om samen na te denken hoe wij met elkaar het gewenste effect kunnen bereiken. Ook het ‘out of the box’ denken mag. En wie weet kunnen we ook in de recesperiode nog momenten vinden om het defensiepersoneel, waar wij allen zo trots op zijn, te dienen. Immers het kunnen werken op afstand, in verschillende samenstellingen/vertegenwoordigingen, is mogelijk, dat heeft de crisis bewezen. Tot slot constateer ik dat ons defensiepersoneel niet meer begrijpt waarom reorganisaties zo lang duren. Juist daarom is het noodzakelijk om het belang van het defensiepersoneel te blijven zien en het voor hen te fixen. Ik realiseer mij terdege dat een ieder (nog) een stapje harder moet lopen, maar dat mag zeker in deze bijzondere en onzekere tijd geen probleem zijn als wij daardoor recht doen aan ons defensiepersoneel.

1) het geheel van de met elkaar verkerende mensen; = maatschappij; de moderne samenleving (van Dale) (2) 13 juli tot maandag 31 augustus 2020 (7 september inbegrepen onze inleesweek).

De samenwerking tussen brandweer en luchtmacht verbeeld in een logo.