Eén zwaluw maakt nog geen zomer1

Medezeggenschap

door René Bliek

In het vorige ProDef-bulletin riep ik een ieder op om samen de verschillende uitdagingen aan te gaan. Ik gaf tevens aan dat samenwerken essentieel is, maar ook zeer uitdagend. Kijk maar naar de zeer uiteenlopende reacties op het, door de 27 EU-leiders, bereikte akkoord over de Europese begroting en het coronaherstelfonds. Na ‘een moeizaam proces’ is er een akkoord bereikt dat van compromissen aan elkaar hangt en waar per lidstaat veel inwoners commentaar op, of bezwaar tegen, hebben. Feit blijft wel dat dit akkoord de gemaakte afspraak is over de Europese begroting en het coronaherstelfonds. Hier moeten wij het in Europa mee doen.

1 Dit spreekwoord is ontleend aan de Griekse fabeldichter Aesopus. Het verhaal gaat over een man die de eerste zwaluw ziet, daardoor denkt dat het lente wordt en vervolgens zijn jas verkoopt. Maar de zwaluw maakt hem blij met een dooie mus: het wordt koud, de zwaluw vriest dood en de man wacht bijna hetzelfde lot. De volgende keer denkt hij dus wel twee keer na.

Zoals verwacht beheerst SARSCoV- 2 nog steeds de wereld. De pandemie is nog niet voorbij. Het coronavirus verspreidt zich op dit moment weer meer in Nederland. Het aantal mensen dat besmet is met het coronavirus neemt toe. In de teststraten stijgt het percentage positieve testen en het reproductiegetal (Rt Real Time ) ligt boven de 1. Nederland moet zich schrap zetten voor een tweede coronagolf. Wij moeten ons goed realiseren dat één zwaluw nog geen zomer maakt. Kortom: ‘be prepared’ voor de mogelijke tweede coronagolf.

In het belang van het defensiepersoneel vroeg ik aan iedere speler (betrokken bij het Georganiseerd overleg Sector Defensie) commitment om na te denken hoe wij met elkaar het gewenste effect konden bereiken om in ieder geval nog voor het zomerreces voortgang te kunnen krijgen met de diverse reorganisaties en de diverse Begeleidingscommissie Reorganisatie Personele Implementatie (BCO PI). Op dit moment is er alleen maar extra tijd besteed aan de diverse informele overleggen Reorganisaties (IO REO’s) en BCO PI’s. Het daadwerkelijk bekijken of wij efficiënter en/of effectiever kunnen werken zal in de toekomst moeten plaatsvinden. Het op de huidige wijze doormodderen is niet wat de GOV|MHB als doel voor ogen heeft.

De reorganisaties welke behandeld zijn in deze diverse (extra) IO REO’s zijn veelal ter kennisname, en dus niet ter behandeling, aangeboden aan de Werkgroep Reorganisaties (WG-REO). Tijdens de diverse IO REO’s geven de centrales hun informele standpunt af over het arbeidsvoorwaardelijk instrumentarium en de personele aspecten van de reorganisatie. Vooralsnog werd veelal ingestemd met de diverse conceptreorganisatieplannen cVRPn, waardoor het cVRP een VRP kon worden. Wel blijft de mogelijkheid bestaan om een VRP op de agenda van de WG-REO te zetten. Dit is veelal afhankelijk van het advies van de MC en het repliek van het HDE. Einddoel is dat de opdrachtgever het definitieve reorganisatieplan (DRP) vasstelt en een implementatieopdracht uitvaardigt.

Dat wilde niet zeggen dat er geen aanpassingen nodig waren aan de diverse cVRPn. Als voorbeeld noem ik hier een reorganisatieplan bij het Commando Landstrijdkrachten (CLAS), namelijk cVRP 1671: ‘Doorontwikkeling Army Prepositioned Stocks Eygelshoven (APS-E)’.

Dit project betreft de transitie van statisch naar dynamisch van de Army Prepositioned Stocks Eygelshoven (APS-E). De opdracht tot dit project komt voort uit de behoefte van de United States of America (USA) om het ambitieniveau van APS-E te willen verhogen van een statische naar een dynamische site. Dit houdt in dat er niet alleen passief wordt opgeslagen, maar dat meer handelingen met en aan het materieel verricht zullen worden.

De statusverandering van APS-E heeft voor Nederland en het ministerie van Defensie consequenties op korte - en langere termijn. Opdrachten zijn verstrekt om de transitie van statisch naar dynamisch mogelijk te maken en een eenduidige bedrijfsvoering te garanderen. Daarnaast is de appreciatie van de evaluatie Legerplan 1641 “Inrichten APS Eygelshoven” meegenomen in dit legerplan.

Daar de samenstelling en hoeveelheden materieel bij de APS-E aan verandering onderhevig zijn, is het belangrijk dat de organisatie zich hier snel en flexibel aan kan aanpassen. Hier werd al snel duidelijk dat de uitdaging ligt in hoeverre er vaste en tijdelijke functies zijn, hoe snel we kunnen opschalen en in hoeverre de centrales daarbij betrokken moeten worden.

Nederland en Noorwegen gaan een gezamenlijke experimentele satellietmissie uitvoeren. Het gaat om de ontwikkeling van 2 satellieten die in tandemformatie om de aarde gaan vliegen.

Het werd duidelijk dat als er een reorganisatie gedaan moet worden in de waarschuwingstijd, dat dit niet haalbaar is. Dat is niet wenselijk. Om die reden is afgesproken dat alle functies in één keer aangemaakt, maar nog niet gevuld worden. Hierin is de eventuele uitbreiding naar het zwaarste scenario meegenomen om de dienstverlening te kunnen vervullen. Voor het zwaarste scenario geldt dat er voldoende waarschuwingstijd vooraf is om de resterende functies te vullen met tijdelijke medewerkers.

De centrales gaven tevens aan dat de scheiding tussen structurele en tijdelijke functies weggehaald moest worden en dat er altijd een BCO PI gehouden moet worden. Er is immers altijd tijd en ruimte voor een BCO PI waar afspraken gemaakt kunnen worden en de P aspecten kunnen worden geregeld.

Om die reden moest hoofdstuk 7 : ‘ALGEMENE PERSONELE ASPECTEN EN PERSONELE GEVOLGEN’ aangepast worden. Hierin zal o.a. worden opgenomen dat op het moment dat er wordt opgeschaald er contact met de centrales zal worden gezocht om in een BCO PI traject de rechtspositie en de vulling vast te stellen.

Maar het gezamenlijk doel is hier wel bereikt. Er is een VRP geschreven waarin we recht doen aan alle belangen.

Ook bij het cVRP ‘uitbreiding Centrale Organisatie Integriteit Defensie (COID)’ was er een uitdaging die pas eind juli, tijdens het zomerreces, werd opgelost.

De uitbreiding van de COID bestaat in feite uit een aantal extra tijdelijke functies voor de duur van 3 jaar. Hier konden de centrales niet mee instemmen. Dit vanwege het belang van de sociale veiligheid en de verwachting dat het verbeteren van de sociale veiligheid een weg van de lange adem is. Een compromis is gevonden door een aantal tijdelijke functies om te zetten in vaste functies.

Andere discussiepunten konden in de IO REO BS met uitzondering van één discussiepunt worden opgelost. Omdat alle centrales groen licht moeten geven en dit voor één punt niet gebeurde werd het plan niet ter kennisname, maar ter behandeling aangeboden aan de WG-REO. Dit punt was de functiewaardering van de directeur. Het proces van herwaardering van de functiebeschrijving van D-COID speelde in het voorjaar van 2019. Dit proces heeft geleid tot een objectief advies vanuit het DC O&F om de generieke functiebeschrijving van Topmanager A toe te passen voor de functie van Directeur COID. Dit advies is overgenomen door het Bevoegd Gezag. Het herwaarderingstraject van de D-COID is verwerkt als kleine formatiewijziging en is als zodanig opgenomen in de IST van de huidige formatie.

“We kunnen het niet alleen. We helpen elkaar.” Op 30 juni landde de 1e Airbus A330 MRTT (Multi Role Tanker Transport) op Vliegbasis Eindhoven.

De GOV|MHB had de hoop dat na de ontvangst van de gevraagde stukken (functiewaardering oud en nieuw inclusief de bijbehorende somscore) dit beslecht zou zijn. Dit bleek niet het geval, maar de centrale die het punt maakte bood een oplossingsrichting aan die eind juli geaccepteerd werd door Defensie. Voor de GOV|MHB was dit discussiepunt niet bezwarend voor het goedkeuren van de reorganisatie.

Noemenswaardig is nog het cVRP Defensie Verkeers- en Vervoersorganisatie (DVVO) van het Defensie Ondersteuningscommando (DOSCO).

Met deze reorganisatie wordt invulling gegeven aan de aanbevelingen uit de ‘Studie inrichting DVVO 2018’ die de gewenste organisatie beschrijft op basis van de volgende uitgangspunten: - het in balans brengen van de opgedragen taken en daarvoor benodigde middelen; - de aanbevelingen uit de evaluatie van de reorganisatie DVVO uit 2015; - de aanbevelingen uit de evaluatie van de reorganisatie DVVO-VIP-vervoer uit 2015; - de aanbevelingen uit de evaluatie van de reorganisatie Centraal wagenparkbeheer en Poolen Niet Operationeel Dienstvervoer uit 2018.

Uit bovenstaande kan men meteen zien dat er keurig geëvalueerd is en dat men nu pas nu in de gelegenheid is gesteld om de aanbevelingen van die evaluaties op te volgen. Bij de behandeling van het cVRP bleef er in eerste instantie één issue over, te weten het inhuren van civiele dienstauto’s. De afspraak is binnen defensie gemaakt dat medewerkers die 48 uur van te voren een PNOD auto aanvragen hier op kunnen vertrouwen. In ieder geval moet er mobiliteit worden gegarandeerd.

De Centrales vroegen de voorzitter dit toe te zeggen en het duidelijk in de aanbiedingsbrief te zullen vermelden. De voorzitter ging hiermee akkoord. Om die reden moest het reorganisatieplan ter behandeling aan de WG-REO worden aangeboden. Als de toegezegde tekst over de afspraken over de PNOD auto’s goed was opgenomen dan zou de ter behandeling worden omgezet in een ter kennisname. Gelukkig is een passende tekst rondom het voorzieningenniveau aan de centrales aangeboden en hoeft het cVRP niet behandeld te worden in de WG-REO.

Tot slot zijn de centrales in het zomerreces ook nog bezig geweest met het houden van diverse BCO PI’s om ook hier voortgang te houden.

Terugkijkend moet ik constateren dat de eerste helft van 2020 een moeizame en soms onnodige trage weg geweest is. Toch is het een feit dat het gelukt is om voortgang te maken. Helaas: één zwaluw maakt nog geen zomer en het zal in de toekomst echt anders moeten gaan.